x

Misbruik melden

Bedankt dat je Tallsay wilt helpen door schendingen van onze regels en richtlijnen te melden.

Wil je een inbreuk op jouw auteursrecht of intellectuele eigendom melden? Gebruik dan a.u.b. het formulier Inbreuk auteursrecht / intellectuele eigendom

Welke vorm van misbruik wil je melden?




Annuleren

1852 Lodewijk moet verder

Door Ate Vegter Dzn gepubliceerd in Boeken en recensies

Ik was net op reis geweest met Gerard Heineken en zocht na alle enerverende gebeurtenissen wat rust op de Groote Club in Amsterdam. Daar kon ik zo’n moderne pils van die Heineken wel eens proberen. Het smaakte mij niet slecht en ik wilde net een tweede bestellen, toen ik Lodewijk van Deyssel zag binnenkomen. Zijne tred was vermoeid en zijn blik bekommerd en nadat ik hem aankeek en oogcontact maakte schreed hij met lede ogen naar de naaste fauteuil waarin hij neerzeeg als een zak zand.

‘Biertje?’ vroeg ik opgewekt, want ik wist dat we nog de hele avond samen verder moesten en dan is het belangrijk om van meet af aan de juiste toon te treffen.

‘Dat is werkelijk een uitmuntend idee,’ zeide hij terwijl hij van zijn vest een knoopje losmaakte. Ik stak mijne hand op en bestelde bij de knipscherende ober. Even later stonden de roekeloze glazen ons toe te lachen als twee meiden op de Wallen. We namen een ferme slok.

‘Op het leven! Lachaim!’ zeide ik, zoals ik zo vaak verderop in de Jodenbuurt gehoord had, waarna het altijd gezellig werd.

‘Nou ja, dat kunde gij wel zeggen!’ sprak Lodewijk hierop raadselachtig, maar hij vervolgde gelukkig spoedig, zodat ik niet veel hoefde te vragen: ‘Het leven lacht de koopman en de dominee toe in deze gelukkige tijden van voorspoed ende ontwikkeling, maar voor de schrijver is het een hard gelag altijd maar zelve de eens gekozen problemen te moeten oplossen!’

‘Ah! Je bent weer aan het werk! Dat is een goed teken! Ga zo door beste Lodewijk, er is geen betere plek voor de pen van een schrijver dan in zijn hand, de linker dan wel de rechter, dat zal mij toch verder een zorg wezen.’

‘Ja ja, gij hebt daar gemakkelijk redekavelen, met uwe zorgeloze zaken die altijd wel op rolletjes lopen, maar als schrijver heb je er niets aan als het goed gaat. Drama! Dat is wat de lezers willen! En een naturalistische beschrijving van de intieme ontwikkelingen tussen jonge menschen. Schrijven op het zwoele scherpst van de snede, daar gaat het om! Geen gemakkelijke praatjes! Dat leest gene hond!’

‘Ja, dat begrijp ik.’

‘Ja welzeker, dat gij dat begrijpt maar de essentie van de volgende zin ligt in de vorige zin besloten. Denk daar maar eens over na met uw stadse optimisme! De tekst bepaalt! Daar heb je als eenvoudig pennenlikker niets over te zeggen!’

Hij klonk in al zijn uitgelatenheid steeds moedelozer en ik zag de kleur op zijne wangen nu meer en meer tegen het roze aanlopen met vermiljoenrode puntjes op de konen en ik begreep uit zijn opwinding dat het hem een serieuze zaak was en besloot hem zoverre als dat binnen mijne mogelijkheden lag te helpen met een voortvarende aanpak:

‘Wat is het probleem, Lodewijk? Leg het op de tafel tussen de bierglazen en het zal verdwijnen als water in de zee!’
Hij keek mij besmuikt aan en aarzelend formuleerde hij toen de volgende situatie:

‘Mijn mannelijke held heeft aan de vader van mijne vrouwelijke hoofdpersoon haar hand gevraagd en ik weet werkelijk niet wat hij zal moeten antwoorden, want alle papieren van de jongeman zijn in orde, maar het is een lege blaaskaak van de eerste categorie. Daar. Nu kun je het zeggen.’

Hij keek mij aan of ik de oplossing al voorhanden had en die lag inderdaad op mijne lippen, klaar om naar buiten te stormen:

‘Het is heel eenvoudig, Lodewijk. Als je de vader nee laat zeggen heb je een hoop gedonder en een kort verhaal, maar wanneer je de vader ja laat zeggen, heb je nog veel meer gedonder en een indringende roman, want ze houdt vermoedelijk veel van hem, dus de mogelijke verwikkelijkingen zijn talrijker dan de vingers van onze handen samen en een gecompliceerd huwelijk is precies dat waar de mensen wel pap van lusten, zolang het niet hun eigen sores betreft. Ga aan het werk! De boekverkoopers staan te trappelen!’

Hij knoopte nu de rest van zijn vest los en zakte onderuit: Gij hebt mij waarlijk uit de brand geholpen. Laten we nog wat nablussen met een derde biertje, want zolang je kan tellen is het beter te drinken dan te rekenen, zeide mijne goede vader altijd, ook al is hij nu dan gaan hemelen.’ Hij stak zijne hand op om de daad bij het woord te voegen ende te schenken.

 

Ate Vegter, 26 juli 2020

www.atevegter.wordpress.com

 

26/07/2020 09:55

Reacties (0) 

Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert