Koele wraak ( Vendetta ) 9.

Door Leonardo gepubliceerd in Verhalen en Poëzie
Vervolg op deel 8: http://tallsay.com/page/4295002325/koele-wraak-vendetta-8

              2ff59c2de1cddeb9b5ccbc08833844c9_medium.

 

                                                                9.

 

Sari-d'Orcino is een leuk klein bergdorpje gelegen op een kleine acht kilometer van de stranden aan de zuidwestelijke kuststrook van Corsica. Het romantisch ogende dorpje is ooit, lang geleden, opgetrokken tussen een gordel van aaneengesloten bergruggen. Vermoedelijk is de plaats op de betreffende  heuvel, door de eerste bewoners in de zeventiende eeuw ooit gekozen om veilig te kunnen zijn voor invallen van piraten. Het dorpje ligt in een lieflijk aandoende streek met veel akkerbouw, wijngaarden en Citrusplantages op zo’n half uur rijden van Ajaccio. Het plaatsje is omsloten door flinke bergpieken waarvan sommige tot een hoogte van zo’n duizend meter reiken en derhalve de vaak in het voorjaar en najaar voorkomende krachtige koude noordenwind tegenhouden, hetgeen aan de voet van de bergen nabij de kuststrook, een mediterraan klimaat tot gevolg heeft. Het leuke ingeslapen dorpje wordt niet veelvuldig door toeristen bezocht wat een positieve invloed heeft op het authentieke karakter van het dorp.

   Het lieflijk in de zomerse hitte liggende dorpje kent niet alleen een opvallend grote kathedraal als bezienswaardigheid, waardoor het toeristisch gezien interessant is om het te bezoeken. Doch het dorpje is eveneens de geboorteplaats van Francesco Del Corte. De huidige leider van de Del Corte familie. In dit typisch authentieke Corsicaanse dorp is namelijk de zetel van de Del Corte familie Del Corte en hun ondernemingen gevestigd. Het volledig wit gepleisterde landhuis staat evenwel niet in het dorp zelf. Het domein is een goede zeshonderd meter buiten het dorpje, op een andere heuveltop gelegen. Het huidige landhuis is ooit gebouwd op de resten van een vroeger kasteel dat tijdens ernstige onlusten in de zeventiende eeuw grotendeels werd verwoest. Een voorvader van Francesco liet op de fundamenten van het voormalige kasteel, omstreeks in het midden der negentiende eeuw, het huidige landhuis bouwen. Vanaf die tijd woonden de Del Cortes onafgebroken in het grote vierkante stenen landhuis. 

   Toen zijn eigen vader was overleden, inmiddels alweer een flink aantal jaren geleden, en Francesco als oudste zoon het hoofd der familie werd, liet hij een aanzienlijke verbouwing en modernisering van het landhuis uitvoeren. De voorkant werd iets vergroot terwijl de entrée zelfs van een fronton werd voorzien waarin het familiewapen werd verweven. Er werden twee prachtige Korintische zuilen onder het fronton geplaatst terwijl op de grond, voor de entrée, een groot bordes van wit Carrara marmer werd aangelegd. Van binnen werden de twee relatief kleine salons met elkaar verbonden tot één grote statige salon en ook de hal werd aangepast en met prachtig wit Carrara marmer betegeld. 

   Het huis had vanbinnen na deze verbouwingen absoluut meer karakter en kende qua exterieur, vooral meer uitstraling. Terwijl dat nu precies het doel was wat Francesco voor ogen stond. Namelijk rijkdom en vooral macht uitstralen doormiddel van je bezit. Het grote landhuis met de omliggende grond was immers, net als dat honderden jaren geleden het geval was, ook in de huidige tijd een zeer belangrijk status en machtssymbool in het Corsica van de een en twintigste eeuw. En daar ging het Francesco om… 

De directe omgeving van de woning was relatief kaal. De heuvel waarop het landhuis was gebouwd had weliswaar een fraaie lage mediterrane begroeiing, doch echte bomen van enige omvang waren er niet meer te vinden. Voor zover die er al waren geweest, waren die in de afgelopen honderd jaar stuk voor stuk in de verschillende kachels en haarden van het huis verdwenen. Wat restte was een zee van kruidenplanten, veel lage vruchtbomen, alsmede de alom aanwezige, met zeer scherpe doorns uitgeruste, maquisstruiken waartussen soms dik behaarde geiten en schapen ronddoolden op zoek naar een paar sprietjes gras.

    Rond een witte ronde plastic tafel welke van boven werd afgeschermd door een enorme rood met witte ronde zweefparasol, zaten zes mannen met elkaar verhit te delibereren. Het communiceren kende overigens een wat aanmatigende sfeer van een familiediscussie tussen belangrijke en onbelangrijke familieleden. Echte machthebbers en volgelingen. Het was een discussie die soms in een emotionele sfeer werd gevoerd, gezien de af en toe oplaaiende scheldpartijen en onderlinge verwijten tussen de aanwezige familieleden. Die aanwezigen waren buiten Francesco Del Corte zelf, een viertal naaste partners van hem. Deze vier overige mannen, allen familie van elkaar, hadden leidende functies in het familie-zakenimperium. Een zakenimperium dat inmiddels tot een miljoenenbedrijf was uitgegroeid en het eiland als afzetgebied allang geleden was ontstegen, ook al was het financieel-economisch hoofdkwartier van de vennootschap nog altijd op het eiland gevestigd.

   De af en toe oplaaiende ruziesfeer kende niet een direct zakelijk geschil van mening met betrekking tot een economisch onderwerp als onderliggende oorzaak. Het was daarentegen de inmiddels reeds twaalf jaar geleden gepleegde moordaanslag op de familie Bramati die bij de heetgebakerde aanwezigen de gemoederen soms flink deed oplopen. De oorzaak van het onderlinge geschreeuw was in eerste instantie  het overlijden van een oude geitenhoeder. Een eenzame ongetrouwde man uit de bergen, die op negen en zestigjarige leeftijd aan een ziekte was bezweken.

Op zich niets bijzonders. Mensen komen uiteindelijk en mensen gaan.

Maar de overleden oude man was niet zomaar een oude Corsicaanse bewoner van de afgelegen streken in het centrale binnenland. De man was een ver familielid van een  echtgenote van een der aanwezige mannen die aan de discussie deelnamen. Maar ook dat was in de ogen van de aanwezigen eigenlijk een weinig opzienbarend feit. Doch de oude man scheen tijdens zijn laatste minuten op deze planeet een soort van visioen te hebben gekregen dat de oren van de aanwezigen die rondom zijn bed zaten plotseling wijd deden openstaan.

Eigenlijk was het meer een onaangename oprisping van woorden met betrekking tot een lang geleden plaatsgevonden misdaad, welke aan zijn murmelende lippen ontsnapte.  Maar het waren wel woorden die gehoord werden. Woorden die de wenkbrauwen bij sommige aanwezigen deden fronsen. De oude man had namelijk gemompeld, dat het verongelukken van de Familie Bramati indertijd geen ongeluk, maar een bewust uitgevoerde aanslag was geweest. Een aanslag beraamd door een lid van de familie Del Corte en vermoedelijke uitgevoerd door een derde partij. De reden van de aanslag zou in de privésfeer hebben gelegen…

De worden van de stervende oude man werden door de aanwezige familieleden in eerste instantie niet serieus genomen. Het bewees slechts een suggestie die ooit na het ongeluk was geopperd, dat het ongeval met de Citroen XM van de familie Bramati absoluut niet te wijten kon zijn geweest aan een technisch mankement aan het voertuig, noch aan een fout van de chauffeur. Maar de oude man had als afsluiter van zijn plotselinge visioen nog een kraker te melden. De werkelijke aanslag was van technische aard. Waarschijnlijk veroorzaakt door geknoei met het remsysteem van de auto. Maar de werkelijke oorzaak zou door de politie sterk gemanipuleerd zijn om het een ongeval te doen lijken.

De in stervensnood verkerende man had tevens beweerd dat hij dat verhaal ooit had vernomen van een achterneef van hem. Een reeds overleden man, die toen der tijd als chef-monteur in de Citroen garage werkte welke de nieuwe auto had geleverd. De achterneef van hem had enkele dagen na het ongeluk, volledig overstuur, aan hem verzekerd dat de verongelukte auto in een technisch absoluut perfecte staat verkeerde toen hij de garage verliet en aan de klant werd overgedragen. Tevens had die monteur gesuggereerd dat naar zijn mening, de werkelijke technische details van de aanslag bewust door de politie waren weggehouden uit het uiteindelijk gepresenteerde onderzoekrapport. Het drama moest van hogerhand kennelijk op een ongeluk door eigenschuld lijken.

   Deze oprisping van informatie uit de mond van een oude stervende man, was niet alleen basis voor het doen verspreiden van enkele hardnekkige intriges waarin met de vinger richting de familie Del Corte werd gewezen. Terwijl de zich over het eiland verspreidende intriges op hun beurt weer aanleiding waren voor Francesco om met spoed een vergadering van naaste medewerkers in te lassen.

   ‘Vertel me nog eens, Jean Pierre. Die politiemensen die aan de zaak hebben gewerkt zijn neem ik aan toch wel goed door hoger hand onder druk gezet, of kan daar toch een zwakke plek zitten.’

   ‘Nee padrone. Bij de politie zit het potdicht. Ik heb de commissaris indertijd heel goed de duimschroeven aangedraaid. En ik weet dat Leone zijn ondergeschikten heel erg duidelijk heeft gemaakt dat de zaak uitsluitend op basis van zijn uitgevaardigde richtlijnen moest worden afgehandeld. Hij heeft zelfs indirect enkele dwarsliggers bedreigt. Althans…, hen werd duidelijk gemaakt dat spreken over deze kwestie, zelfs met overige politiemensen, zeer ernstige consequenties voor de carrière van de loslippige spreker zou inhouden.’

   Francesco leunde even achterover en sloot zijn ogen tot een kleine spleetjes terwijl hij diep nadacht. Commissaris François Leone was uiteindelijk een man die zwaar bij hem in de schuld stond. Die schuld was ooit opgebouwd wegens het aannemen van geld van de Del Cortes voor het bouwen van zijn protserige nieuwe woning aan de rand van de stad in een - beschermd- natuurgebied. Hoe hij dat voor elkaar had gekregen was een raadsel, dacht Francesco. Maar zo zag je maar weer; geld doet wonderen verrichten op een eiland als Corsica. Die controversiële overeenkomst was overigens tot stand gekomen door een verzekerde tegenprestatie van de kant van de politie. Die tegenprestatie hield in dat de politie af en toe een andere kant zou opkijken bij de soms zeer lucratieve zaken van de Del Cortes. Zaken die in enkele gevallen het daglicht eigenlijk niet konden velen. Daarbij kwam dat de commissaris nog maar een kleine tien procent van zijn schuld had terugbetaald, realiseerde Francesco zich.  Nee… vanuit die hoek zou er niet gelekt worden…

   ‘Het is verdomme niet te geloven dat na zo veel jaren stilte, opeens dit verhaal weer opduikt. Juist nu iedereen op het eiland zich heeft berust in het indertijd door de politie uitgebrachte rapport en de geschetste situatie zoals dat in de media is verschenen.’  

   ‘Ja dat kan allemaal wel zo zijn. Maar wat doen we aan die uitgelekte verhalen,’ vroeg de nogal opgewonden Jean Pierre Brosschard zich af. Hij was getrouwd met Carmen, de drie jaar jongere zuster van Francesco en derhalve Francesco’s zwager.  Jean Pierre was tevens de rechterhand van de Corsicaanse padrone en leider van diens visoverslagbedrijf in Marseille. Tevens runde hij een tweetal bordelen in de zelfde stad en was hij actief in de drugsscene van Marseille. In meedogenloosheid deed hij niet onder voor de padrone. Jean Pierre was zowel binnen de familie Del Corte als in de onderwereld van Marseille een machtig en bewonderd, maar ook zeer gevreesd persoon. Al met al was hij na Francesco, de invloedrijkste man binnen de familieclan, en een man die een wonderbaarlijke neus had voor geld verdienen…

   ‘Voorlopig doen we niets opvallends,’ antwoordde Francesco op bevelende toon. ‘Dat geldt voor ons allemaal. Uiteindelijk kan niemand iets bewijzen en kletsen doet men toch wel. Dat houden we gewoon niet tegen.’

   ‘Ja… het is natuurlijk jammer dat het indertijd zo is gelopen,’ vond Pablo Del Corte. En daarbij is het onvoorstelbaar dat er toch nog een overlevende uit dat wrak is gekomen. Al heb ik begrepen dat het meisje zich weinig van dat ongeluk kon en kan herinneren. Daar komt de informatie dan ook niet vandaan lijkt mij.’

   ‘Nee, maar denk nou eens even na man,’ schreeuwde een boze Jean Pierre.    

   ‘Er zit ergens een lek op een plaats dicht bij de kleine kring van betrokkenen die het onderzoek hebben verricht. Dat kan haast niet anders.’     

  ‘Ja maar ik kan me niet voorstellen dat het bij de politie zit. Kan het misschien zijn dat er iemand vanuit het garagemilieu heeft gekletst,’ vroeg Pablo Del Corte, een volle neef van Francesco en tevens de huidige financiële man binnen de familie zich af.’

   ‘Het zou kunnen, maar het lijkt mij onwaarschijnlijk,’ zuchtte Francesco terwijl hij de punt van een sigaar beet en deze vervolgen op stak.

   ‘Nou zo onwaarschijnlijk is dat niet,’ vond Pablo. ‘Ik vraag me dan ook af of misschien een van die voormalige drie monteurs, die we overigens naar mijn mening indertijd heel goed hebben betaald, toch misschien heeft gelekt.’

   ‘Zou natuurlijk kunnen,’ zei Francesco op beheerste toon. ‘Maar dat zou wel heel erg dom zijn van de figuur die dat zou hebben gedaan. Want dan kent die persoon de lengte van onze armen niet.’ Die laatste woorden werden op een kille toon uitgesproken terwijl Francesco de overige aanwezigen even met een strakke blik aankeek.

   De aanwezigen voelden ondanks de hitte, heel even een rilling over hun rug glijden.  Want nog niet zo heel erg lang geleden had de padrone zich persoonlijk van een ver familielid ontdaan. Een jongeman die kennelijk wat wist en dreigde te lekken als er niet een enorm geldbedrag op een zekere rekening op de Cayman eilanden werd gestort. De jongeman die het had aangedurfd zijn oom te chanteren was een achterneef geweest die wel vaker met Francesco in de clinch had gelegen. Hoe die knaap aan de informatie was gekomen die hij wilde gebruiken was een raadsel. De knaap was overigens een pedante zuiplap en een drugsgebruiker. Het was de zoon van zijn tante Marina. De weduwe van een overleden oom van hem. Een vrouw die financieel volledig door Francesco werd onderhouden. Des te dommer was de actie van de zoon van Marina geweest. Je zou kunnen zeggen dat het een groteske onderschattingsfout van de jongeman was geweest die hem uiteindelijk noodlottig zou worden.

    Francesco en Jean Pierre hadden een afspraak met de zondaar gemaakt op een stille picknickplek aan een landweggetje nabij het strand van Via Reggio. De jongeman hadden ze eerst met geweld een halve fles Mark leeg laten drinken waarna hij hardhandig was meegesleurd naar het uitgestorven strand. Hier staken twee flinke rotsen vanaf het land de zee in en vormden als het ware een kleine baai. Daar werd de nog altijd flink tegenspartelende knaap het water in getrokken en gewoon een kwartierlang onder water gehouden. Net zo lang eigenlijk, totdat er geen luchtbellen meer uit zijn openstaande mond omhoogkwamen. Een dag na zijn dreigement werd hij door enkele toeristen levenloos in de branding van het strand, in de buurt van Via Reggio aangetroffen.

   De arts-patholoog in het ziekenhuis van Ajaccio constateerde later dat de man was overleden door verdrinking. Het slachtoffer was overigens nog niet zo heel erg lang dood, beweerde de arts. Hooguit vierentwintig tot dertig uur. Maar de longen van de man zaten vol met water en er werden sporen van alcohol en drugs in zijn bloed aangetroffen. ‘Gezopen, gesnoven en vervolgens met een zatte kop van de kustrotsen in zee gevallen,’ was de uiteindelijke conclusie van de patholoog geweest, waarmee de dood van de jongeman door een ongeluk als gevolg van drank en drugsgebruik werd afgedaan. En dat terwijl er binnen de familie, alsook bij de politie, ondanks het rapport van de patholoog twijfels rezen omtrent de werkelijke doodsoorzaak. Maar er kon er geen link worden gelegd naar een misdrijf… 

   ‘Goed mannen,’ zei Francesco. ‘Ik ga er voorlopig maar vanuit dat dit weer zo’n valse jaloerse insinuatie van een jeugdig persoon is die op een feestje of in de kroeg indruk wilde maken op zijn vrienden,’ vervolgde hij zijn betoog. ‘Maar laten we wel goed op onze tellen passen. Want als deze verhalen vaker gaan opborrelen zullen we weldegelijk eens goed moeten onderzoeken waar de bron van deze verhalen zit. En vooral door wat of door wie die bron gevoed wordt.’

   ‘En vervolgens op passende wijze met die smerige modder spuwende bron afrekenen,’ vulde Jean Pierre de woorden van Francesco aan.      

Vervolg kunt u lezen in deel 10: http://tallsay.com/page/4295002396/koele-wraak-vendetta-10

©  Leonardo       

19/04/2020 00:04

Reacties (4) 

1
19/04/2020 16:24
het doek begint te vallen.
19/04/2020 21:19
Nou... nog maar een klein beetje...
1
19/04/2020 00:40
Leuk, net nog voor bedtijd...
Een fraaie familie, en heel knap neergezet.
1
19/04/2020 21:20
Dankjewel voor deze reactie!
Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert