Koele wraak ( Vendetta ) 8.

Door Leonardo gepubliceerd in Verhalen en Poëzie
Vervolg op deel 7: http://tallsay.com/page/4295002313/koele-wraak-vendetta-7

 

              2ff59c2de1cddeb9b5ccbc08833844c9_medium.

                                                                     8.

 

Henry was na het bezoek aan het landbouwmechanisatiebedrijf waar hij zijn defecte ploeg heen had gebracht de stad Toulon in gereden. Nadat hij een paar straten voor de kade bij de marinewerf met wat geluk zijn tractor had weten te parkeren, liep hij naar een café waar doorgaans veel marinemensen kwamen. Hij zat nog maar nauwelijks aan een smoezelig plastic tafeltje, toen er zonder iets te zeggen een man, gekleed in een gekleurd houthakkersshirt, donkere jeanspantalon en met een zwarte alpinopet op zijn hoofd, bij hem aanschoof. Op het voorhoofd van de man, net boven zijn linker oog was een flink litteken zichtbaar. Vermoedelijk ooit opgelopen tijdens een café ruzie. Henry kende de man en had hem al eens eerder in een café ontmoet.

   ‘‘Bonjour amigo, Carlo. Cum faci, hoe gaat het met je?’’

   ‘‘Va bè…, met mij gaat het goed. Je wilde me spreken begrijp ik’’ 

   ‘‘In effetti’, inderdaad.’’ 

   ‘‘Bè.’’

    De mannen verschoven hun stoel even en keken elkaar nieuwsgierig aan.

   ‘Wat drinken we Carlo,’ vroeg Henry op wat gedempte toon. ‘Een koel biertje of iets sterkers.’

   ‘Porce madonna… Ik heb wat laat en nogal zwaar getafeld met een leverancier. Doe mij maar een glas Mark met een blokje ijs om het eten weg te spoelen.’

   ‘Daar doe ik dan in mee.’ Meteen riep Henry zijn bestelling naar de besnorde barman die even knikte ten teken dat hij het had verstaan.

   Er kwamen vier mannen in donkerblauwe marine kleding binnen die zich luidruchtig aansloten bij de mannen die reeds bij de bar stonden. Ze deden gemaakt vrolijk, terwijl hen een goot glas bier werd toegeschoven door de barman die, bij het aanschouwen van de binnenkomers, zelfs een glimlach op zijn norse gelaat toverde.

   ‘Marine mannen,’ gromde Carlo. Zuiplappen zijn het. Bierzuipers die het land moeten verdedigen ten tijde van oorlog. Kan jij dat begrijpen als je die slapjanussen ziet.’

   Henry knikte slechts even minzaam.

   Ze keken elkaar daarna gedurende een korte tijd weer zwijgend aan. Carlo was een beheerst persoon. Hij toonde geen enkele aandrang om weten waarom Henry hem juist hier wilde spreken, maar zijn ogen glinsterden nieuwsgierig. Henry wist echter hoe hij hem moest bespelen. Je moest niet te snel tot zaken willen komen. Dat schepte bij dit soort lieden geen vertrouwen.  Daarbij was Carlo een heel slimme vent, al zag hij daar op het eerste gezicht niet naar uit. Ondanks zijn geringe lengte van circa een meter vijf en zestig had hij brede schouders en armen als boomstammen. Eigenlijk had hij het postuur van een worstelaar. Met zijn zes en vijftig jaar had hij zich altijd staande weten te houden in het onzekere leven van de criminaliteit.

   Net als Henry was hij een Corsicaan van geboorte. Een eilander die al vrijwel zijn gehele leven op het vasteland verbleef. Lange tijd was hij een hulpje geweest van een grote drugsdealer uit Marseille, maar toen de politie zijn werkgever op een vroege ochtend in oktober plotseling oppakte, wist hij op wonderbaarlijke wijze te ontsnappen en uit de handen van de politie te blijven. Maar drugshandel was eigenlijk ook niet hetgeen Carlo ambieerde.

   Via een kennis, een gesjeesde en aan drank verslaafde voormalige  bootsman op een marineschip, kwam hij in aanraking met de illegale wapenhandel. Dat lag hem beter dan al dat gedoe met die junks en die rottige Heroïne. In deze handel was de plaatselijke concurrentie iets milder en waren de verdiensten beter. Daarbij was het verder vooral een kwestie van het leggen en onderhouden van contacten. En contacten leggen en onderhouden, daar was Carlo heel goed in.

   Nadat de drankjes door de norse besnorde barman op tafel waren gezet en de man weer achter de bar bij de groep luidruchtige marinemannen was verdwenen kwam Henry voorzichtig ter zake.

   ‘Uiteraard heb ik hier met je afgesproken omdat ik je iets wil vragen.’

   ‘Dat begrijp ik. Brand maar los zou ik zeggen.’

   ‘Ik heb een paar goed werkende en vooral zuiver schietende kanonnen zonder kenmerken nodig.’

   ‘Zo… dat is nog al wat. Bedoel je kleine of grote.’

   ‘Eén kleine en twee grote.’

   ‘Serieus?’

   ‘Uiteraard.’

   ‘juist…’

   ‘Heb je wat in voorraad of duurt het wat langer om te leveren.’

   ‘Ligt eraan wat je nodig  hebt. Wat zoek je precies.’

   ‘Die kleine moet iets handzaams zijn. Het is voor een jongedame. Ze moet het in haar tasje kunnen stoppen.’

   Carlo keek Henry even enige tijd bedachtzaam aan alvorens te antwoordden. ‘Ik heb een prima Beretta 22 liggen, compleet met drie doosjes patronen. Perfect ingeschoten en uitstekend onderhouden. Is dat misschien wat voor haar, of moet het een iets zwaarder kaliber zijn.

   ‘Nee niet nodig… die Beretta lijkt me voorlopig prima. Zeker om haar wat techniek bij te brengen. Maar ik heb wel meer munitie nodig, en tevens wil ik een goede geluiddemper voor het wapen.’

   ‘Gelijk al een geluiddemper, terwijl ik begrijp uit je woorden dat de dame nog flink moet oefenen…’

   ‘Je hebt gelijk. De dame moet inderdaad nog veel oefenen. Maar ik wil geen onrust zaaien door veel geknal en lawaai.’

   ‘Ik begrijp het.’

   ‘Prima.’

   ‘Hoeveel patronen meer.’

   ‘Ik zou graag acht doosjes van vier en twintig stuks willen hebben.’ 

   ‘Geen enkel probleem.’

    Beide mannen zwegen even terwijl ze elkaar bleven aankijken. Uiteindelijk sloeg Carlo als eerste zijn ogen neer.

   ‘Je kent onze veiligheidscode neem ik aan,’ zei hij vervolgens tegen Henry. ‘En pas op. Als ik door je wordt verlinkt ken je bij voorbaat de gevolgen voor jezelf en je gezin.’

   ‘Ik ben ook een Corsicaan. Vergeet dat vooral niet, Carlo.’

   ‘Bè… de bestelling ligt komende zaterdag voor je klaar. Ik zal de loop laten bewerken en er een passende demper bij leveren.’

   Ze sloegen vervolgens als op een teken van boven, vrijwel tegelijk hun glaasje Mark achterover. Carlo moest er even van hoesten.

   ‘Dit is verdomme heel goede Mark wat die snorremans schenkt,’ mompelde hij vervolgens al kuchende tegen Henry.

   ‘Ja dat is het zeker. Als je niet oppast brandt het een gat in je slokdarmwand of in je maag.’

   ‘Ja daar heb je gelijk in. Wat die grotere kanonnen betreft ja?’

   ‘Die moeten licht zijn van gewicht en absoluut minimaal vierhonderd meter haarzuiver zijn.’

   Carlo antwoordde hier niet gelijk op. Hij nam zijn alpinopetje af en streek even met zijn hand over zijn haar terwijl hij onderwijl naar buiten keek alvorens te antwoordden.  ‘Zo zeg… dat is andere koek.’

   ‘Kan je zoiets ook leveren denk je.’

   Carlo draaide zich om en keek Henry en ogenblik zwijgend aan.  ‘Heb je een voorkeur. Ik bedoel dan… wil je een jachtgeweer of een, al dan niet aangepast, militair wapen hebben.’

   ‘Goeie vraag. Het liefste zou ik twee Amerikaanse Remmington M24 of M40 geweren hebben. Een met de korte loop en een met de lange loop. Ik bedoel dan de gewone grendel uitvoering met een vijf patroons wisselbaar magazijn. En Inclusief een perfect werkend optisch vizier voor dat type wapen. O ja… en een tweetal dempers, alsmede een flinke doos munitie om in te schieten.’

   ‘Prima keuze, indien ze te koop zijn.  Un fusile snipers exelente, een uitstekend sluipschuttersgeweer. Kaliber 7.62 Nato. Een wapen dat je voor alle mogelijke doeleinden kan gebruiken. Ik heb er in het verleden eens een verkocht. Meen me te herinneren dat dit soort wapen ruim duizend meter bereik heeft.’

   ‘Inderdaad. Ik heb met die kanonnen vanuit mijn vroegere werk nogal wat ervaring opgedaan. Vooral in die Afrikaanse zwarte klotelanden.’

   ‘O ja… gebruikten ze bij de Franse marine dit soort Amerikaanse wapens. Heel apart, dat wist ik zelfs niet.’

   ‘Sommigen van ons gebruikten dit soort wapens. Niet alle manschappen.’

   ‘Dat neem ik zo van je aan.’

   ‘Fijn.’

   ‘Ja… maar wat ik nog wilde weten; worden ze als ik ze kan leveren door jou gebruikt voor bewegend wild, of gewoon voor de wedstrijdsport,’ vroeg Carlo glimlachend.

   ‘Goeie vraag, maar dat gaat je niet aan.’

   ‘Nou ja, ik vraag het maar om me zelf  een beetje in te leven in het doel waar je ze voor nodig hebt.’

   ‘Dat begrijp ik. Maar daar laat ik me niet over uit.

   ‘Goed, geeft niets. Ik was alleen wat nieuwsgierig.’

   ‘Dat zal wel… Het enige dat ik je verder wil vertellen is dat ze niet hier, maar overzee worden gebruikt…’

   ‘O ja…’  Carlo glimlachte opnieuw na deze opmerking van Henry. Uiteraard begreep hij gelijk wat Henry bedoelde met -, dat overzee. Maar het leek hem verstandiger daar niet verder naar te informeren. Dat waren zijn zaken uiteindelijk niet.

   ‘Nou ja… ik weet dat er op ‘Corse’ knapen van zwijnen rondlopen,’ gaf hij vervolgens grinnikend ten antwoord.

   ‘Precies. Dat zie je heel goed. En niet alleen op Corse…’    

   ‘Nee dat zal wel. Maar met die grote kanonnen ligt het qua leveren wel een stuk moeilijker. Ik weet niet zeker of ik je daaraan op korte termijn kan helpen. Het wapen dat je vraagt wordt niet vaak aangeboden. Daarbij is het een heel kostbaar wapen, net als die accessoires die je vraagt. Maar ik doe mijn best en zal voor je rondvragen of er ergens in mijn leverancierskringen iemand is die zoiets kan leveren zonder fabrieksserienummers.’

   ‘Prima je doe dat. Er is overigens geen haast bij. Ik ben zaterdagmiddag bij je om de andere boodschappen op te halen. Dan hoor ik wel van je of je ergens iets te pakken hebt kunnen krijgen.’

   ‘Dat is goed. Kom dan naar de oude kade waar de veerboten liggen. Ik sta daar rond vijf uur namiddag.’

   ‘Waar precies.’

   ‘Op de parking bij de afvaartsteiger naar La Seyne. Je kunt me niet missen. Een donkergroene Toyota Landcruiser met het reservewiel op het dak.’

   ‘Prima… dan vind ik je wel.’

   ‘Neem wel genoeg geld mee, want op de pof doe ik geen zaken.’  Daarop schoof hij Henry een bierviltje toe waarop hij op de achterzijde de prijs van het wapen, de geluidsdemper en de prijs van een doosje kogels had gezet, waarna hij van tafel opstapte. Henry keek er even naar en stak toen nonchalant het bierviltje in zijn borstzak. Hij wachtte even tot Carlo de zaak verliet en liep toen naar de bar om af te rekenen alvorens met zijn tractor naar huis terug te keren.   

Vervolg kunt u lezen in deel 9: http://tallsay.com/page/4295002360/koele-wraak-vendetta-9

© Leonardo

15/04/2020 00:14

Reacties (2) 

1
18/04/2020 13:47
Zo, die is wat van plan.
1
15/04/2020 12:49
Dat belooft wat.
De deskundigheid m.b.t. de bestelling is indrukwekkend trouwens.
Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert