Koele wraak ( Vendetta ) 5

Door Leonardo gepubliceerd in Verhalen en Poëzie
Vervolg op deel 4: http://tallsay.com/page/4295002246/koele-wraak-vendetta-4

             2ff59c2de1cddeb9b5ccbc08833844c9_medium.

                                                               5.

 

Door de dood van haar ouders kwam Claudia na het verlaten van het hospitaal in Montpellier bij haar oma in huis. Oma Jeanne woonde in haar eentje in een kleine oude boerderij en had tijd genoeg om zich over haar kleindochter te ontfermen. Jeanne was een goed mens. Ondanks haar bescheiden middelen verwende en verzorgde ze Claudia dagelijks zo goed als ze kon en zorgde ze voor een warme en goede opvoeding van het zwaar getraumatiseerde kind. En dat viel nog beslist niet mee.

   Claudia had vooral na haar ontslag uit het hospitaal de eerste weken last van pijn met het lopen, en bewegen van haar lichaam in het algemeen. Alles deed haar zeer na enkele stappen lopen. Niet alleen haar benen en knieën protesteerden maar vooral ook haar rug en schouders bezorgden haar soms hevig aanhoudende pijn. Ze leed daarbij tevens aan ernstige nachtmerries. Tijdens zo’n nachtmerrie schoot ze vaak overeind in bed en begon ze vreselijk te gillen en te huilen. Oma moest dan halsoverkop naar haar kamer snellen om haar te troosten. De behandelende psychiater had oma Jeanne medegedeeld dat dit gedrag het gevolg was van het trauma dat ze had opgelopen. Maar dat die nachtmerries langzaamaan zouden afnemen en met wat geluk, na enkele weken geheel zouden verdwijnen.

   Na ongeveer een halfjaar van herstellen onder begeleiding van inspannende en soms heftige fysiotherapie kon Claudia weer redelijk normaal haar armen en benen bewegen en zelfs al aardige stukjes hardlopen op een niet al te moeilijke ondergrond. Na eerst sterk te zijn afgevallen kwam ze ook weer wat in gewicht aan. Er verscheen zelfs al weer wat kleur op haar doorgaans bleke, met littekens gehavende gelaat. Kortom: de toekomst leek voor Claudia positief aan de einder te gloren…

   Claudia was weliswaar lief en intelligent, maar ze was ook een enigszins in zichzelf teruggetrokken meisje geworden. Ze deed goed haar best op school, haalde mooie cijfers, maar had wel wat moeite met het maken van vriendinnetjes op school. Soms leek het er ook op alsof andere kinderen niet met haar wilden omgaan, of met haar wilden spelen.

   ‘Dat komt omdat sommige kinderen angst hebben voor je gehavende uiterlijk,’ zie oma op een keer tegen haar, toen Claudia huilend bij haar troost kwam zoeken, na voor de zoveelste maal door klasgenootjes als vriendinnetje te zijn afgewezen. ‘Maar luister eens heel goed naar mij lieve schat. Die lelijke littekens trekken langzaam allemaal weer weg heeft de dokter gezegd. Over een paar jaar is er niets meer van terug te zien. Trouwens, wie zich daar nu aan stoort is ook je vriendschap niet waard. Dus trek je maar niets aan van wat ze over je zeggen.’

   Wijze woorden van haar oma die haar wat meer rust gaven. Maar toch werd ze nog maandenlang af en toe uitgelachen om de vreemde strepen op haar hals, nek en voorhoofd.

   Maar inderdaad; toen ze naar het Lycée ging waren de littekens in haar gelaat en haar nek zowat helemaal weggetrokken en viel het grote litteken op haar voorhoofd vrijwel niemand meer op.  Zelfs haar benen zagen er weer prachtig glad uit. Alleen op haar linker borst en op haar rug waren de hechtingafdrukken nog enigszins te zien.

   Op het Lycée, het traditionele vervolgonderwijs in Frankrijk, viel het haar decaan op dat ze erg goede cijfers voor zowel taal als voor wis en natuurkunde haalde. Ze kon zich goed concentreren en was een serieuze leerling. Alleen haar lichamelijke en sportieve prestaties waren nog wat pover. Ook al werkte ze hard om haar lopen, fietsen en zwemmen te verbeteren. De lichamelijke achterstand was uiteraard te wijten aan de gevolgen van het ernstige ongeluk wat ze op zevenjarige leeftijd had gehad zodat niemand zich daaraan stoorde. Terwijl het lopen en zelfs het zwemmen met het voortschrijden der jaren wel steeds wat beter zou gaan worden.

 

Het gruwelijke ongeluk lag inmiddels al weer negen jaar achter haar, toen ze in de achtertuin van haar oma met het jachtgeweer van haar overleden vader aan het kleiduivenschieten was. Ondanks dat de terugslag van het wapen haar soms flink zeer deed aan haar schouder, wist ze er toch zeer behendig mee om te gaan. Nadat ze een twintig schoten had gelost stopte ze met schieten. Ze ontgrendelde het wapen, knikte de loop terug, en liet de patroonhulzen er uit vallen. Vervolgens zette ze de schakelaar van de werpmachine op de uitstand. Met het geweer over haar schouders liep ze vervolgens terug naar de schuur waar ze loop van het geweer schoonmaakte met wapenolie en het wapen vervolgens aan een wandhaak ophing. De niet gebruikte patronen deed ze in een dikke kartonnen doos die ze op een plank zette. Vervolgens verliet ze de schuur en deed de deur van de schuur op slot. Claudia was inmiddels zestien jaar en reeds flink aan het puberen. Ze had nog geen vriendje maar was wel in jongens geïnteresseerd, al hield ze hen flink op een afstand. Ze was gewoon nog niet aan een geen gezellige knul toe, vond ze zelf. En ze was er ook nog geen een tegengekomen die haar hart spontaan kon beroeren. Maar ze zag er goed uit en maakte zich wat de liefde betreft voor de toekomst absoluut geen zorgen.

   Toen Claudia op een maandagmiddag de keuken in kwam stappen was oma juist aan het telefoneren met Henry, haar zoon en broer van haar overleden vader. Henry was twee jaar ouder dan haar overleden vader en woonde al jarenlang in de omgeving van Marseille, op het vasteland van Frankrijk. Henry, een voormalige luitenant der mariniers die vroegtijdig was afgezwaaid en thans een flinke wijngaard exploiteerde, kwam de laatste jaren nog maar af en toe naar het eiland om zijn moeder, zijn twee oudere neven en de nog levende overige verre familieleden – twee achternichten - te bezoeken. Dat speet hem wel, maar hij had het gewoon te druk met zijn bedrijf om elke keer opnieuw de oversteek naar het eiland te maken. Henry had zijn voorgenomen korte bezoek deze keer echter uitsluitend aan Oma Jeanne bekend gemaakt, die het vervolgens aan Claudia mededeelde.

   ‘Luister eens schat,’ zei ze na haar telefoongesprek met Henry. ‘Je oom Henry komt morgenmiddag met het vliegtuig uit Toulon in Ajaccio  aan. Hij blijft een dag logeren.’

   ‘Goh, wat leuk oma. Komt tante Annabelle ook mee?’

   ‘Nee, het spijt me. Henry komt alleen. Je tante Annabelle blijft deze keer thuis.’

   ‘Goh, wat jammer.’

   ‘Nou ja het is niet anders deze keer. Henry komt hier trouwens naartoe met een speciale reden. Althans zo zei hij het zojuist tegen mij door de telefoon.’  Oma Jeanne slikte even en kreeg opeens een paar tranen in haar ogen toen ze die laatste woorden sprak. Ze wreef even in haar ogen alvorens verder te praten. Hetgeen Claudia niet ontging.

   ‘Wat is er dan aan de hand oma. Is er soms iets ernstigs gebeurd?’

   ‘Nee hoor schat, maar je oom Henry komt niet zomaar even langs om een praatje te maken. Hij komt deze keer namelijk speciaal voor jou naar Corsica.’

   ‘Ach ga weg. Speciaal voor mij… Wat is dan de reden dat hij speciaal voor mij hier naartoe komt?’

   ‘Dat weet ik niet precies, lieverd. Maar hij wil met jou, onder vier ogen, over een belangrijk onderwerp van gedachten wisselen. Iets dat met de eer van de familie te maken heeft.’

   Claudia schrok een beetje van die woorden. ‘Jeetje… wat is er dan aan de hand, oma. Wat bedoelt u eigenlijk met de eer van de familie, oma. Moet ik soms hier weg. Mag ik niet meer bij jou blijven wonen?’

   ‘Nee schat. Daar gaat het denk ik niet over.’ Oma Jeanne zuchtte even diep alvorens ze verder sprak. ‘Hij heeft het wel niet met zoveel woorden gezegd waar hij het met jou over wil hebben, maar ik ben nog niet dement en kan al mijn gehele leven tussen de tekstregels doorlezen. Daarom moet ik je eerlijk bekennen dat ik vermoed dat hij met jou over de laatste ontwikkelingen rond de dood van je ouders, en over je toekomst wil komen praten.’

   Claudia schrok… Ze was na die woorden even heel stil. Ze trok wit weg  toen ze de vermoedelijke reden van het bezoek van haar oom Henry van haar oma vernam. Uiteraard had ze zelf al jarenlang vanuit allerlei bekende en onbekende bronnen de verhalen vernomen welke suggereerden dat het noodlottige ongeluk dat haar en haar ouders was overkomen, wel eens het gevolg zou kunnen zijn geweest van een misdaad. Van sabotage aan het voertuig. Een klasgenoot van haar, een jongen wiens vader als automonteur werkte bij de Citroen garage die de auto had geleverd, had zich daar ook al eens heel duidelijk over uitgelaten. Soms doken die verhalen weer op als ze op een feestje van school was. Of op een bijeenkomst van de familieleden. Al stopten de verhalen meestal gelijk als zij in de buurt van de verhalenvertellers kwam. Roddels waren het. Soms waren het gemene roddels waar ze heel boos over kon worden. Terwijl het er op leek dat sommige mensen er blijkbaar plezier in schepten om dit soort verhalen op feestjes, met name tijdens haar afwezigheid, weer met elkaar op te halen. Maar aan de andere kant, kreeg ze door al die gemene roddels die haar oren bereikten, wel langzaam aan een zekere mentale hardheid. Daarbij kon ze zich nog altijd niet voorstellen, dat er iemand op het eiland zou zijn die zo’n hekel aan haar ouders had gehad, dat het aanleiding was geweest om hen om te brengen en hun dood vervolgens op een ongeluk te doen lijken.  Doch ongeluk of anderszins. Men kletste maar een eind raak. Claudia geloofde alleen wat haar van officiële zijde was medegedeeld. De politie had uiteindelijk toch gezegd dat het een gewoon verkeersongeluk was geweest. Vader had volgens hen te hard gereden en de macht over het stuur verloren.      

   Althans dat zei men wel en dat stond ook in het rapportverslag dat ze had gekregen... Maar was dat ook zo…

Terwijl ook  het technisch onderzoek van de politie had uitgewezen dat het ongeluk aan te hard rijden was te wijten, beweerde men toen. Maar daarentegen kon ze zich nog wel enigszins sommige flarden van luid geschreeuwde woorden van haar ouders herinneren tijdens die horrorrit. En ze herinnerde ze zich ook nog hetgeen zich in de auto afspeelde voordat die uiteindelijke fatale klap kwam. Trouwens; haar vader had niet voor niets geschreeuwd dat de remmen weigerden, schoot het opeens als een bliksemflits door haar heen…

    Ze schudde even met haar hoofd. Dit laatste had ze later in het ziekenhuis ook aan die aardige agente verteld die haar had bezocht en haar allerlei vragen had gesteld.

    ‘Gaat het lieverd,’ zei oma. Ze drukte Claudia tegen zich aan en knuffelde haar even. ‘Ik kan begrijpen dat je wat van slag bent door mijn uitleg met betrekking tot het bezoek van Henry. Ga maar zitten en neem een glaasje water. Dan kom je zo weer wat tot rust.’

   ‘Só minzoghjoli sciacatti, vuile leugenaars zijn het,’ zei Claudia terwijl ze opstandig haar oma aankeek. ‘Iedereen lijkt wel tegen mij te liegen als het om dat gruwelijke ongeluk gaat. Zelfs de politie spreekt onwaarheid. Eerst zeggen ze dat het een fout van papa is geweest, terwijl later wordt medegedeeld dat een fabrieksfout van de remmen de oorzaak van het ongeluk  was. De leugenaars...’

   Oma Jeanne zei niets maar streek haar kleindochter voorzichtig met haar rechterhand over het haar, terwijl de tranen over haar wangen rolden.

   ‘En dat laatste, dat van die fabrieksfout, dat is wel heel erg onwaarschijnlijk. Want als dat zo was had Citroen allang kleur bekend, en alle auto’s van dat type XM naar de garages teruggeroepen voor controle. Terwijl er dan absoluut ingenieurs van de fabriek het wrak hadden onderzocht. En dat is allemaal niet gebeurd…’

   Claudia ging aan de keukentafel zitten. Er schoten tranen in haar ogen terwijl ze nadacht en enkele beelden van dat gruwelijke ongeluk weer door haar gedachten schoten. Ze rilde even en sloeg de armen om zich heen.  Was het nu eigenlijk wel een ongeluk of misschien toch geen ongeluk maar een aanslag, schoot het door haar heen. Of zouden de gendarmes en de politie van Ajaccio die het ongeluk hadden onderzocht, al die jaren bewust iets voor haar en haar familie verborgen hebben gehouden vroeg ze zich daarop in gedachten af. Maar waarom dan wel dacht ze vervolgens. Waarom zouden ze dat doen. Wat voor reden konden ze daarvoor hebben. Ze kon de opkomende gedachte amper verdragen.

   Na enige tijd aan de tafel te hebben zitten piekeren liep Claudia naar buiten. Ze pakte de ketting waaraan Basso, haar enthousiast blaffende, twee jaar oude Cockerspaniel mee aan een boom vastzat en maakte de gesp los.  

   ‘Vai veni, Basso, vooruit kom mee Basso. We gaan een eind je lopen. Vrouwtje wil even met jou alleen zijn.’  Maar ook tijdens haar wandeling door de heuvels verdwenen de gedachten aan dat vreselijke ongeluk niet uit haar hoofd. Opnieuw schoten flarden van beelden van voor het ongeluk door haar gedachten. Opnieuw zag ze opeens weer die enorme rotswand voor hen opdoemen en voelde ze zich in gedachten weer over de kop slaan en met een enorme klap door de achterruit naar buiten vliegen…  

   Ze stopte even bij ,,U fritello,, een grote markante platte rots die er uitzag als een pannenkoek en midden in een graanveld lag. Ze keek even of er geen reptielen rond de rots kropen en ging toen met de rug tegen het dikke rotsblok op de grond zitten. Ze werd altijd heel verdrietig als er weer oude koeien uit de sloot werden gehaald en die vaak insinuerende verhalen haar oren bereikten. Terwijl het spook van de twijfel haar dan elke keer opnieuw na het aanhoren van zulke verhalen, als het ware voor een lange tijd in een soort van psychologische wurggreep nam. En ook al luidt het gezegde, dat de tijd alle wonden heelt… Bij haar bleven de gedachten aan haar geliefde ouders na het aanhoren van zulke insinuaties, elke keer weer opnieuw als stekende wonden in haar gedachten etteren.

   Basso liep inmiddels hard achter een vogel aan. Ze keek naar het dier met tranen in haar ogen. Ze was dol op haar lieve, speelse Cockerspaniel. Hij vormde, samen met haar oma, een zeker mentaal houvast in haar puberale leven. En Basso zorgde met zijn vreugdevolle geblaf als hij bij haar kwam met een stok of een balletje om mee te spelen, tevens voor momenten dat ze rap ontwaakte uit een plotseling opkomende depressieve stemming die haar de laatste jaren vaak kwelde.   

Vervolg kunt u lezen in deel 6: http://tallsay.com/page/4295002285/koele-wraak-vendetta-6   

© Leonardo

06/04/2020 22:09

Reacties (5) 

1
08/04/2020 20:32
De marinier oom zal wel van wanten weten
1
07/04/2020 16:30
Goed geschreven. Ik blijf het volgen.
1
07/04/2020 21:25
Leuk, vanaf deel zeven gaan de ontwikkelingen razendsnel toenemen.
07/04/2020 13:05
U bent niet ingelogd. Wilt u nu inloggen of een account aanmaken?
hopelijk komt er wat licht aan de horizon
07/04/2020 21:24
in deel zeven zal de lezer reeds kunnen opmaken in welke richting dit verhaal zich gaar ontwikkelen. Meer vertel ik er nog niet over...
Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert