1313 De oma die dood is

Door Ate Vegter Dzn gepubliceerd in Verhalen en Poëzie

Vandaag was vroeger de verjaardag van mijn moeder. Ze woont in Rotterdam en is altijd in het weekend jarig, in de winter. Op haar verjaardag gaan we schaatsen op de singel. Mijn moeder woont aan de overkant van ons ouderlijk huis. Het is haar zevende huis: Marum, Kornhorn, Parkstraat Sappemeer, Mendelssohnlaan Apeldoorn, Zwolseweg Apeldoorn, Schiebroeksesingel Rotterdam, Wessel Gansfortweg Rotterdam, waar eens de melkboer zat.

Ik ben erbij vanaf de Mendelssohnlaan. We zijn met z’n zevenen thuis, maar ik heb toch een paar herinneringen aan mijn moeder en mij samen. Een oude herinnering is een bezoekje aan de oogarts Van Calcar, aan de Bergweg. Ik ben een jaar of negen en zit bij mijn moeder achterop. Gelukkig heb ik slechte ogen. Achterop de fiets voelt intiem, naast mijn moeder in de wacht kamer veilig. De behandelkamer van de oogarts is donker. Ik lees letters die steeds kleiner worden. De sfeer is medisch en gewichtig en doet in niets denken aan Specsavers of Bril & Lens. Met mijn vader ga ik naar de Opticien, Hans van Dorsen, aan de Kleiweg, goedmoedige grappenmaker, net als mijn vader.

Ik steek mijn rechterwijsvinger in de koffiemolen, in het bijzijn van mijn moeder en mevrouw Matze, ook een naam die het verleden oproept. Ik ga al bloedend met mijn vinger in een zakdoek naar de huisarts die aan de overkant op de Ringdijk woont. Het litteken is nog zichtbaar.



Mijn moeder bakt appeltaart en ik schil de appels. Later bak ik de appeltaart op haar aanwijzingen. Het recept staat in haar oude, vaal rood-oranje, veelgebruikte kookboek, met in de marge de hoeveelheden voor een groot gezin. Wij bakken altijd grote appeltaarten. Nu bak ik samen met Piep met Koopmans Appeltaartmix, maar ik doe alsof het mijn moeders recept is, wat ook zo is, want ik snij de appels nog steeds in partjes zoals zij het mij geleerd heeft. 

Ik zit in de kerk en koester mij in de warmte van haar bontjas. Echt bont, echte warmte, echte moeder. Ik herinner me haar ogen, zoals ze mij aankijkt, van dichtbij, door haar leesglaasjes, vorsend. Ogen van mijn moeder, die mij voor alles behoeden en waarschuwen en straffen. Priemend mededogen. Die moeder, ik vertel soms over haar aan Piep. ‘Ja,’ zegt ze dan, ‘dat is de oma die dood is, dat weet ik toch.’

Ate Vegter, 5 februari 2019


Mijn vader is Derk Storm:
www.atevegter.wordpress.com/113


 

05/02/2019 07:04

Reacties (0) 

Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert