1046 Snoeien in de wildernis

Door Ate Vegter Dzn gepubliceerd in Verhalen en Poëzie

Vanmiddag eerst het gras gemaaid en daarna samen met Lief de tuin gesnoeid. Lief geeft aan waar het mes in moet en ik zaag en knip tot alles weer van natuur tot cultuur is teruggebracht. Ik heb daar zelf geen kijk op maar geef toch af en toe mijn mening, anders sta je er ook maar zo’n beetje bij alsof je alleen voor het uitvoerende werk bent, wat in feite ook zo is.

Wel zie ik dat is er nu meer licht en zicht in de tuin is. We kunnen weer op het Bloemendaal kijken en de lui kunnen ons ook weer zien zitten. Met name van de witte sering en de roze prunussen zijn heel wat takken afgekomen. Ik sleep die naar het terras, waarbij ik nog een keer over de hangmat struikel met een forse tak in mijn hand. Dit levert een bloedneus en een pijnrib op, maar nadat ik voor het effect even blijf liggen sta ik weer op als een jonge Adonis en zet mij aan het verdere zaagwerk, wat ik het allerleukste vind. 

De takken van de bomen (Mieke hou je vast) moeten nu omgezet worden in brandhout. Daarbij orden ik alles op grootte en maak ik scheiding tussen blad en tak. Er ontstaat dus een takkenbos met verschillende diktes, dat is voor het opstoken erg handig en een bos gebladerte wat later als een brandende braambos voor het spektakel gaat zorgen. Idee is dat je het gebladerte niet te vroeg op het vuur gooit, want dan gaat het uit en ook niet te laat want dan is het al uit. Wanneer je alles op het hoogtepunt samenvoegt heb je het meest spectaculaire effect.

Ik heb eigenlijk niks met de natuur en dat snoeien doe ik ook maar zelden. Het voelt een beetje alsof ik iemand z’n stropdas afknip, maar dat komt misschien omdat ik te veel op kantoor zit. Wel heb ik gezien dat je het beste kunt knippen daar waar de takken beginnen te te groenen, want daar zit het blad.

Nu zullen er mensen zijn die dat beter kunnen dan ik en die op dit moment hun wenkbrauwen optrekken maar er zijn ook hele volksstammen die het lang niet zo goed kunnen als ik. Zo is het met alles. Je bevindt je altijd tussen de mensen die het beter doen en die gasten die er niks van bakken. En jij bent zeg maar de enige die het net zo goed kan als jij zelf. Ik wil niet veel zeggen maar ik denk dat deze theorie ook heel veel eenzaamheid verklaart onder de mensen, maar dat terzijde.

Ik mag nu nog niet stoken, want de was hangt aan de lijn en het is nog te warm en te licht, maar vanavond ga ik toch wel even een feestje vieren, denk ik.

Ate Vegter, 29 mei 2018
www.atevegter.wordpress.com
 

29/05/2018 06:30

Reacties (0) 

Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert