Fragiel, een fictief kort verhaal

Door Indeboekenkast gepubliceerd in Verhalen en Poëzie

Kwispelend likte de buldog het kersenrood van de grond. Het leek wel een scène uit een goedkope horrorfilm. Toch voelde zij tot haar eigen verbazing totaal geen emotie. Ze twijfelde nog een fractie van een seconde of ze voor het fatsoen 112 zou bellen, natuurlijk zou ze daarbij haar stem verdraaien. De twijfel was echter van korte duur. Zonder achterom te kijken verliet ze het pand en sloot de deur achter haar dicht, niets gebeurd! Trouwens ze had het druk en moest nog boodschappen doen. Met twee volle tassen kwam ze thuis, ze opende de deur. “Kristel, ben jij dat?” ze zuchtte onhoorbaar. Shit hij was al thuis. “Ja, ik ben er weer!” antwoordde ze zo enthousiast mogelijk. Het was echter niet nodig geweest, hij stond al achter haar en nam de beide tassen van har over. Leunde naar voren en gaf haar een zoen op haar wang. Ze glimlachte.  “Hoe was je dag? Vroeg hij terloops, terwijl hij met de tassen naar de keuken liep om de boodschappen uit te pakken. Oh, goed”, sprak ze opgewekt “Zoals altijd, niets bijzonders”.

Het morgenlicht deed zijn best een weg te vinden tussen de naden van de gordijnen door. Kristel draaide zich om en zag dat de andere helft van het bed al leeg was. Ze vond hem in de woonkamer aan de keukentafel, bladerend door de ochtendkrant. Ze gaapte en schonk een kop koffie in. Ze zat nog maar net toen ze haar man lijkwit zag worden. Geschrokken keek hij op, zijn ogen ontmoeten die van haar.” Jezus!” en hij slikte. “Wat?” vroeg ze verbaasd. “Een moord op de Lindenstraat in Amsterdam, daar woont je broer toch?” Kristen knikte. “Ja, voor zover ik weet wel, ach weet ik veel. Hoelang hebben we hem al niet gezien?” Hij zei niets maar pakte zijn telefoon. “Wat ga je doen?” “Je moeder bellen!” “Hoezo?” “Om te vragen of zij iets van je broer heeft vernomen natuurlijk!” “Wat een zinloos begin van je dag.” mompelende ze “Wat zei je?”
“Niets, ga jij maar lekker bellen, dat mens weet amper nog dat ze leeft!”
Hij vloekte half binnensmonds. “Af en toe ben je echt een trut, Kristel, weet je dat!” Ze knikte en kon het niet helpen dat ze daarbij glimlachte.

Nog diezelfde dag was het voor iedereen duidelijk: Jeff, haar broer was dood gevonden in zijn luxeappartement. Kristel liet een paar tranen los, om de schijn op te houden en vertrok naar Zorgresidentie Villa De Laatste Zucht. (Het luxe verzorgingstehuis waar haar moeder sinds vorig jaar verbleef). Vanwege haar geheugenprobleem was ze volledig afhankelijk van anderen geworden. Kristel kon er niet om treuren en bezocht haar moeder alleen wanneer het strikt noodzakelijk was, op momenten zoals deze. Bij binnenkomst werd ze begroet door een overenthousiaste verpleegkundige. Ze was zo vriendelijk dat de rillingen direct over Kristels rug liepen, ze walgde ervan. Snel maakte ze de zuster duidelijk dat ze het slechte nieuws van haar broer met haar moeder wilde bespreken en daarbij niet gestoord wilde worden. De zuster was een en al begrip.

Kristel pakte een klapstoel en nam plaats tegenover haar moeder, een zielig hoopje mens die in de enige comfortabele stoel zat die de kamer rijk was. Ze keek haar moeder strak aan. “Je liefhebbende zoon is dood mams en jij bent de volgende.” De paniek was in haar moedersogen te lezen. “Hè hè heb jij?” sprak ze stamelend. Kristel knikte tevreden. “Ja mams, ik heb!” Haar moeder slikte. Kristel was een eigenzinnig kind geweest, lief en slim maar dat zag haar moeder anders. Haar vader was nooit in beeld geweest en als ze kon zou ze hem nog opzoeken, maar haar tien jaar oudere broer had de rol van ouder graag op zich genomen. Kristel was lastig te breken, maar het tweetal gaf niet snel op. Terwijl haar broer haar bijna elke nacht een bezoekje bracht, deelde haar moeder overdags rake klappen uit. Om over alle nare uitspraken nog maar te zwijgen. De favoriete uitspraak van broerlief was Kristel het meest bijgebleven: Kristel is misschien niet fragiel, maar wel debiel! De psycholoog waarbij Kristel jaren had gelopen vond het bewonderingswaardig dat Kristel er zo ongeschonden uit was gekomen. Dat vond ze zelf ook! Ze voelde zich krachtiger dan ooit en was gelukkig met haar man. Wie weet kregen ze zelfs ooit samen een kindje. Via adoptie dan, want haar broer had er eigenhandig voor gezorgd dat kinderen krijgen voor haar niet meer mogelijk was. “Mams, ik heb een verrassing voor je, je mag dit vreselijke huis verlaten en je komt bij mij wonen!”

Onderweg had haar moeder, moord en brand geschreeuwd. De zuster had begripvol geknikt toen Kristel duidelijk maakte dat de dood van haar zoon veel impact had op haar moeder. Al het personeel en een aantal bewoners zwaaiden het tweetal vrolijk uit. Voordat ze naar huis gingen sloten ze aan bij de begrafenisstoet van haar broer. Er was een grote opkomst, geld en macht maken een mens blijkbaar populair. Haar moeder brulde aan een stuk door, het kon Kristel weinig deren. Haar man had het tweetal opgewacht en duwde zijn schoonmoeder nu liefdevol voort. Op dit soort momenten kon ze zich irriteren aan haar man en voelde ze zich eenzamer dan ooit. Hoe kon hij, ondanks wat ze hem allemaal verteld had over haar jeugd nog zo lief zijn voor dat nare oude mens? Na de condoleance waren ze naar huis vertrokken. Kristen was kapot na de rouwdienst, vooral vanwege alle nare herinneren die weer bovenkwamen. Zelfs de politie had haar gecondoleerd met het verlies en gaven haar tussen neus en lippen door de informatie dat het waarschijnlijk om een vergeldingsactie was gegaan. Haar broer bleek nogal wat vijanden te hebben gemaakt in het criminele circuit. Dat laatste verbaasde Kristel niets.
 

De volgende dag wist Kristel haar man met pijn en moeite de deur uit te werken, hij wilde blijven om haar en haar moeder te steunen, maar Kristel had hele andere plannen. Ze was niet gek, ze zou haar moeder echt niet direct om zeep helpen. Dat zou haar meteen verdacht maken, maar een beetje tergen kon geen kwaad. Ze had haar moeder met pijn en moeite in bad gekregen. Haar moeder sputterde aardig tegen. “Kreng dat je er bent!” Snauwde ze Kristel toe. “Hoezo mam, ik ben nog niet eens begonnen?” Het water in het bad was ijskoud, maar dat vond Kristel niet genoeg. Ze legde haar hand op het hoofd van haar moeder en duwde haar kopje onder. “Dit is voor alle klappen die je me gaf!” snauwde ze haar moeder toe. Ze wachtte tot haar moeder paniekerig om zich heen begon te slaan, telde toen nog even tot tien en haalde haar moeders hoofd daarna weer boven water. Ze liet het oude mens even op ademkomen om haar vervolgens nogmaals onder te duwen. Ze ging zo op in het spel dat ze de deur van de badkamer niet open hoorde gaan. “Lieve hemel! Wat doe je?” Het was haar man. Kristel draaide zich met een ruk om. Geschrokken van wat hij juist had gezien deed hij een paar stappen achteruit. “Nee, wacht ik kan het uitleggen” sprak de overrompelde Kristel en liep op hem af. “Blijf uit mijn buurt!” snauwde hij haar verbeten toe en terwijl hij dat zei deed hij nog een laatste stap. Zijn voet belande een traptrede lager waardoor hij zijn evenwicht verloor en de trap in een raptempo af denderde. Nu lag hij bewegingsloos beneden. Terwijl haar moeder verwoede pogingen deed om het bad uit te klimmen stormde Kristel de trap af.  Ze knielde naast haar man neer, maar het was te laat.

Een tweede begrafenis volgde, Kristel was nu echt gebroken. Voor familie, vrienden en bekenden was het meteen duidelijk, dit was een stom ongeluk. Ook de politie had hierover geen twijfels. Na de condoleance bij haar thuis, bleven Kristel en haar moeder alleen achter. Hoewel vele hadden aangeboden de zorg van Kristels moeder op zich te nemen had Kristel erop gestaan deze zorg volledig voor haar rekening te nemen, het was tenslotte haar moeder. Na dat ze de laatste familieleden uit had gezwaaid, sloot ze de deur en draaide hem op slot. “Oké mams, waar waren we gebleven?”

23/07/2017 15:31

Reacties (0) 

Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert