Bloeddorst - Hoofdstuk 1 (Deel 2)

Door Rudi_L gepubliceerd.

 

……….          

             ‘Diana, liefje, je moet je niet zo laten opjutten. Die man zag gewoon een mooie vrouw en hij heeft dat dan ook laten blijken. Moest je hem daarom direct van zijn miserabel leven… en van zijn hoofd verlossen?’ Julius zei het wat plagend. Wat kon hem het leven schelen van een gewoon mens. Het waren toch maar zwakkelingen die niet eens van bloed hielden. Ze leefden minder lang dan een eeuw en in alles waren ze inferieur aan vampiers. Traag van beweging en zwak van gezondheid stonden ze heel wat lager op de ladder van de evolutie dan Julius en zijn soortgenoten. Hij verachtte ze.

            ‘Ik neem het niet als men mij behandelt als een of andere goedkope troela. Trouwens, die melkmuil was amper vijfentwintig jaar. Wat dacht hij wel om tegen mij schatje te zeggen. Ik ben de schat van niemand…Je moet zo niet zitten lachen, Julius, ik ben ook niet jouw schat. Als je lief tegen me bent, mag je me hoogstens Vrouwe Diana noemen. We zijn elkaar nog niet beloofd.’

            Julius wist wanneer hij moest inbinden. Diana had weer een van haar kuren en dan was er geen land mee te bezeilen. Je moest ze laten uitrazen, dan kwam alles weer vanzelf op zijn pootjes. ‘Oké, Vrouwe Diana, ik heb gehoord Dragosj een van ons gaat voordragen voor hem op te volgen. Wat zeg je daar op?’

            Ze draaide wat rond hem. Hij moest toegeven dat ze mooi was als ze boos was. Haar lange krullende zwarte haar zwaaide van links naar rechts terwijl ze door de kamer aan het ijsberen was. Ze had het figuur van een mannequin, maar haar spieren waren harder en sterker dan vele van haar mannelijke soortgenoten. Haar huid was melkwit en haar lippen aangezet met rode lippenstift trokken een bloedrode streep in haar bleke gezicht.

            Diana was nog wat aan het pruilen maar wist wel wanneer ze goed moest denken en wanneer ze mocht doorpraten. ‘Het is niet aan mij om de keuze van Heer Dragosj te becommentariëren. Als hij een van ons kiest, dan…moeten we vereerd zijn.’ Ze keek hem in zijn bruine gazelleogen die niet verraden dat hij een echt roofdier was. Zijn golvend bruin haar gaven hem iets vrouwelijks, maar zelfs zijn beste vrienden zouden hem dat nooit zeggen in zijn gezicht, als hun leven hen lief was natuurlijk.

            ‘Wel…Vrouwe Diana, als hij mij kiest dan zal ik gewoon vriendelijk bedanken.’

            Diana keek hem nu verbaasd aan. Ze wist dat het niet zo goed boterde tussen Julius en zijn maker, maar om nu de grootste eer onder de vampiers te weigeren, dat was zelfs voor haar een brug te ver. ‘Waarom zou je zo…verdomd stom zijn, Julius? Weet je wel wat je zegt?’

            ‘Ik weet heel goed wat ik zeg en hij zal het wellicht niet een verrassing vinden. Maar ik heb mijn redenen. Het is niet dat ik…het niet zou kunnen of dat ik vrees te kort te schieten bij zo’n verantwoordelijke positie. Ik gun hem gewoon het succes niet. Punt.’

            ‘Maar waarom ben je zo onmogelijk als het om Dragosj gaat? Kan je me dat vertellen of ga je belachelijk doen en zeggen dat ik het toch niet zou begrijpen? Ik kan je op voorhand zeggen dat ik die ongeëmancipeerde houding van je uitermate afkeur.’

            Julius lachte. ‘Je bent me een speciaal nummer, Diana. Ik heb nog niets gezegd en je verwijt me zaken die ik niet eens heb beweerd. De reden is niet omdat je het niet zou begrijpen. Het is dat ik je vertrouwen in Dragosj niet wil schaden. Ik weet dat je hem vereert, maar daar kan ik persoonlijk niet meer achter staan.’

            Diana fronste haar wenkbrauwen. ‘Steeds als we op dat punt terechtkomen, bind je weer in. Ik vraag mij af wat Dragosj je heeft misdaan, dat je zo’n wrok tegen hem koestert. Julius, het kan soms wonderen doen om je hart te luchten en de dingen in perspectief te zien. Misschien is Dragosj toch niet de man waar voor je hem houdt.’

            Op dat moment werd er hard op de deur geklopt.

            ‘Binnen,’ antwoordde Julius.

            Markus kwam aarzelend binnen. Hij had waarschijnlijk gehoord dat Diana en Julius aan het kibbelen waren en wou nu niet tussen aambeeld en hamer gevangen worden. Hij wist dat Diana agressief kon overkomen en had reeds gehoord van haar laatste slachtoffer in de bar die zij en Julius frequenteerde.

            ‘Je ziet er bleker uit dan anders, Markus,’ verwelkomde Julius hem. ‘Je moet je beter voeden. Dan krijg je wat meer kleur. Wat is er gaande dat je ons moet storen?’

            ‘Milosj en zijn lijfwachten zijn vermoord en Heer Dragosj roept de Ouderen samen. Gezien jullie ook in de raad van de Ouderen zetelen, moest ik jullie officieel uitnodigen om binnen…,’ hij keek even op zijn horloge, ‘anderhalf uur in de vergaderzaal aanwezig te zijn.’

            Zowel Diana als Julius zagen er geschrokken uit. Milosj was voor geen kleintje vervaard en zijn lijfwachten evenmin. Dit was een crisissituatie. ‘Juist, we zullen er zijn, Markus,’ antwoordde Julius tegen zijn zin. Nu zou hij toch nog, willens of niet, voor Dragosj moeten verschijnen. Maar de dood van een van de hunnen, betekende dat alle vetes even opzij moesten gezet worden.

            Diana en Julius lieten de woorden van Markus niet koud worden en namen beiden hun zwart lederen vest en vertrokken naar de vergadering die Dragosj had samengeroepen.

 

© Rudi J.P. Lejaeghere

13/11/2016 15:32

Reacties (0) 

Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert