Vast in de lift? Wat je (niet) moet doen!

Door Marinus gepubliceerd in Verhalen en Poëzie

                            1%2B%252881%2529.gif

Liftstoring

Het nieuwe kantoorgebouw was aan de buitenkant foeilelijk. Van binnen zag het gebouw er heel anders uit, het was een en al luxe en overdaad dat de klok sloeg. Misschien was de grote tegenstelling wel een bewuste keuze van de architect. Door de marmeren hal zochten mensen hun weg naar de werkplekken in het twintig verdiepingen tellende gebouw. Je zag ze staan kijken op onbegrijpelijke routeborden waarop in cryptische taal de bedrijven die zich in het gebouw gevestigd hadden stonden vermeld.

Vier naast elkaar gesitueerde liften moesten het transport van de werknemers naar de verdiepingen verzorgen. Een beschaafd tingeltje gaf aan wanneer een lift haar deur ging openen.

Bij de liften stond een groepje van vijf mensen op een lift te wachten, twee mannen en drie vrouwen. Eén van de mannen begon ongeduldig alle vier de oproepknoppen in te drukken. ‘Waarom duurt het toch zo lang eer er een lift komt?’ riep hij geïrriteerd terwijl hij van de ene lift naar de andere beende. In werkelijkheid duurde het hooguit drie, vier minuten tot er een lift beschikbaar was.

‘Ping, pong’, de liftdeuren schoven open.
‘Het werd tijd’, zei de nerveuze man die als eerste de lift inschoot en knopje 18 indrukte. De vier andere personen volgden de man de liftcabine in.
‘Aha,’, zei een vrouw in kokerrok, ‘18 brandt, daar moet ik toevallig ook zijn.’
Er werden nog drie knopjes ingedrukt, 11, 14 en 15. Het bedieningspaneel kleurde vrolijk door de verlichtte rode lampjes.
De nerveuze man begon de knop ‘deur sluiten’ in te drukken. ‘Schiet toch eens op kutlift!’
De deur sloot tergend langzaam en zette zich zacht zoemend in beweging. De liftcabine vulde zich met een onaangename stilte en de nestgeur van de nacht die mensen bij zich dragen. De een staarde naar de vloer, de ander bestudeerde haar nagels, er werd geen woord gewisseld. De neurotische man staarde naar de aanduiding boven de liftdeur dat aangaf op welke verdieping de lift zich bevond. Het getal verschoof gestaag, 6, 7, 8 … ‘BENG, krrr, krak.’ De lift kwam met een schok tot stilstand, de tl-verlichting viel uit waarop de noodverlichting aansprong.
De twee vrouwen begonnen hysterisch te gillen.
‘Houd je bek’, riep mijnheer zenuwelijder.
‘Hé, hou jij je wel een beetje in’, zei de man in driedelig kostuum die een bril met een dun gouden montuur op zijn neus droeg.
‘Krijg de pleuris vent, ik moet naar mijn kantoor anders mis ik een megadeal.’
De twee vrouwen stopten met gillen en begonnen te huilen.
‘Dat gaat dus niet lukken’, zei de man gekleed in spijkerbroek en slobbertrui. ‘We hebben te maken met een flinke stroomstoring.’ Hij wurmde zich naar het bedieningspaneel en drukte op de knop: ‘Melden storing.’ ‘Hallo, hallo, is daar iemand’, riep hij in de microfoon. ‘We zitten met zijn vijven vast in de lift, hallo!’ Er kwam geen reactie terug.
Het driedelige kostuum haalde een smartphone uit zijn binnenzak. ‘Ik bel 112 wel even.’ Zijn smartphone gaf een melding: ‘Verdomme, geen bereik!’ riep hij kwaad. Ook de mobieltjes van de anderen deden het niet.
Slobbertrui knikte. ‘Geen signaal, dat kan wel kloppen, we zitten in een betonnen koker opgesloten. Maar geen paniek, bij de storingsdienst weten ze inmiddels wel dat de liften het niet doen, die sturen heus wel monteurs om de lift eventueel met de hand naar een uitgang te brengen.’
‘Hoe weet u dat?’ vroeg één van de vrouwen gekleed in een jurk met een snik.
‘Ik ben bouwkundig ingenieur van beroep. Dus geen paniek, gewoon rustig afwachten tot er hulp komt.’
Mevrouw kokerrok snoot haar neus. ‘Weet u dan ook voor hoe lang we zuurstof hebben, erg groot is deze ruimte niet.’
Slobbertrui trok een glimlach op zijn gezicht. ‘Deze liftcabine is niet luchtdicht afgesloten, er komt genoeg lucht vanuit de liftkoker naar binnen. Als niemand een scheet laat kunnen we het hier lang uithouden.’
‘Wel gek dat we de storing niet kunnen melden’, gromde zenuwenlijder.
Slobbertrui knikte. ‘Dat is zeker gek, dat ding zou als het goed is op de noodstroom aangesloten moeten zijn. Nu er geen stroom is, is die voorziening zinloos.’
Het driedelige kostuum keek omhoog. ‘Daar zit een luik, kunnen we daardoor niet de koker inklimmen om bij een uitgang te komen?’Opnieuw was het slobbertrui die antwoordde. ‘Normaal gesproken zou dat wel kunnen ja, maar ook de liftdeuren werken op stroom en die krijg je vanuit de liftkoker met de hand niet open. Dat kan alleen van buitenaf.’
Zenuwenlijder zuchtte diep. ‘Zit er in de vloer geen voorziening om de lift met de hand te laten stijgen of dalen, er moet toch iets zijn aangebracht om in geval van nood uit deze lift weg te komen?’
Slobbertrui haalde zijn schouders op. ‘Geen idee, maar wat let je om het tapijt los te trekken om dat te bekijken?’
‘Niets, wilt u een handje helpen met trekken?’
‘Welja.’ De twee mannen bukten en trokken aan het tapijt dat tot hun verbazing los op de vloer lag.
‘Verhip’, zei slobbertrui, ‘ik zie inderdaad een luik.’ Hij trok een ringoog omhoog waarna hij het luik kon openen. ‘Pech, dit is geen ontsnappingroute maar de plek waar de elektronica van de lift is ondergebracht.’
‘Ik moet hoognodig plassen’, zei mevrouw jurk.
‘Ik eigenlijk ook’, zei mevrouw kokerrok.
‘Ophouden graag!’ zenuwenlijder zwaaide vermanend met zijn wijsvinger.
‘Gaat niet’, zei mevrouw kokerrok die haar benen tegen elkaar drukte.
‘Heren’, zei mevrouw jurk streng. ‘Als jullie je willen omdraaien dan kunnen wij even afwateren, je plas ophouden is onmogelijk.’
‘Dat is waar’, zei slobbertrui. ‘Kom heren, gun de dames wat privacy.’ De drie mannen draaiden hun gezicht naar een wand.
Mevrouw kokerrok liep naar de hoek waar het tapijt was losgetrokken, trok haar slip naar beneden en ging gehurkt zitten. Mevrouw jurk hield het tapijt een stukje omhoog om haar af te schermen. Een vrolijk gekletter viel te horen.
Het driedelige kostuum draaide zich om. ‘Lukt het?’ vroeg hij terwijl hij loerend over de rand van zijn montuur naar de plassende mevrouw kokerrok keek.
‘Viespeuk! Draai je om!’ riep mevrouw jurk pisnijdig.
‘Ja, ja, sorry hoor!’ Tergend langzaan draaide hij zich om.
‘Klaar! Jij mag, ik hou het tapijt wel omhoog.’
Opnieuw klonk vrolijk gekletter dat het driedelige kostuum toch weer deed omkijken.
‘Kijk voor je goorlap!’ riep mevrouw kokerrok kwaad.
‘Ja, oké.’ Zijn rechterhand schoof in een pantalonzak om daar wat onderhoud te plegen.
Het gekletter stopte. De twee vrouwen gingen weer op hun oorspronkelijke plek staan, het driedelige kostuum kreunde, een vlek  verscheen rondom zijn gulp.‘Verdomme, dat zul je altijd zien!’ zei mijnheer zenuwenlijder. ‘Mijn ochtendbolus wil het daglicht zien. Sorry, sorry, maar mijn dartele darmen moeten echt aan de slag.’
‘Heeft u zakdoekjes nodig?’ vroeg mevrouw kokerrok attent.
‘Dat zou heel fijn zijn, dank u wel.’ Hij nam het pakje tissues van mevrouw kokerrok aan en liep ermee naar de urinehoek, iedereen draaide zich om.
Het werd een moeizame bevalling van de ochtendbolus getuige de onwelvoeglijke geluiden in de hoek. De methaanlucht die de liftcabine vulde was niet om te harden, behalve mijnheer zenuwenlijder stond iedereen te kokhalzen.
‘Klaar’, zei mijnheer zenuwenlijder trots. Hij reikte mevrouw kokerrok het restant van de tissues aan. ‘Er zitten er nog twee in, enorm bedankt!
‘Hou ze maar’, zei mevrouw kokerrok benauwd.
Het hoofd van mevrouw jurk vloog naar voren, in een explosieve groene golf kwam haar ontbijt naar buiten zetten dat grotendeels op mijnheer driedelig kostuum belandde.
‘Verdulleme, moet dat nou!’ riep hij ontsteld toen hij de ravage bekeek.
Mijnheer zenuwenlijder reikte hem de tissues aan. ‘Niet zeuren, er zat toch al een grote vlek in uw pantalon’, zei hij met duidelijk leedvermaak.
Ze hoorden geluiden die uit de liftkoker kwamen. ‘Nog even volhouden’, riep een stem, ‘we takelen de liftkooi met de hand naar de negende verdieping waar u de lift kunt verlaten.’

Met schokjes ging de lift stukje bij beetje omhoog om uiteindelijk te stoppen. Een koevoet werd tussen de liftdeur gezet die met geweld zijn doorgang prijs moest geven. Vijf personen liepen als een haas de lift uit en verdwenen in het gebouw.
‘Koelere Joop, wat een putlucht hangt er in deze lift’, riep de monteur.
‘Zoals gewoonlijk. Ik krijg door dat de stroomstoring is opgelost, ik ga de boel weer onder spanning zetten.’
‘Okidoki!’

Kortsluiting.png

Uit de lift spoot een meterslange straal vuur veroorzaakt door een massieve kortsluiting in het hoogspanningsgedeelte van de lift. Op straat klonk een daverende explosie, een transformatorkast van het energiebedrijf vloog de lucht in. Kilometers in de omtrek viel de stroom uit.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

13/10/2016 15:16

Reacties (1) 

1
13/10/2016 16:16
Deze is .. super. -))

En ja ik had ook een plasje in de hoek gedaan ... als ik had gemoeten.
Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert