Picasso Iemand? Is het Kunst of Kitsch? Of het kunstige avontuur van Yneke

Door Karazmin gepubliceerd in Korte verhalen

Een oudje van Plazilla,  nog van een uitdaging om een verhaal af te maken, Met als lijdend danwel meewerkend voorwerp een mede (toen nog) Plazilliaan

Stel je voor, je loopt op een rommelmarkt en je oog valt op een schilderij. Een hele bijzondere. Je moet en zal het krijgen. Dat overkwam Yneke. En toen? Lees vooral verder...

(De schuingedrukte tekst is van Doortje, uit dit verhaal. )

ac7ae71ca4e3cf2518fe5704ea7c1638_1406303

Het is toch een geweldige kunstenaar, die Picasso, vind je niet Maaike?”

“Tja, sommige van zijn werken spreken me wel aan maar dit bijvoorbeeld, dan heb ik toch ernstig moeite met de vlakverdeling van de ogen en dergelijke. Ik bedoel: ik heb een nichtje van acht jaar en zij doet het niet slechter dan dit werk van Picasso. Ik vraag me wel eens af of hij hiermee de hele wereld in de maling neemt met een prutswerkje dat hij in een dronken bui heeft gemaakt, nadat hij eerst vier keer tegen de muur is gelopen.”
“Kom op Maaike! Dit is kunst! Je weet niet half hoe moeilijk het is om overal de lijn in aan te brengen en het dan toch weer tot een goed uitgebalanceerd geheel te laten worden!”
“Ach ja, die balans Yneke, en die lijn, volgens mij was dat dus juist het probleem van hem, toen hij dit schilderde. Met wat minder borrels op had het misschien zelfs op een mens geleken maar nu verdenk ik hem er zwaar van dat - ”
“Muts!”
“Ha ha ha! Doos, we denken er gewoon anders over. Ik kan kunst waarderen maar ik heb wel mijn grenzen. Kijk, hoe jij schildert, daar kan ik dan weer wel van genieten. Jij schildert ook niet altijd realistisch maar dan kan ik me wel een beeld vormen met mijn eigen fantasie, wat jij er mogelijkerwijs bij gevoeld moet hebben of wat je ermee uit wilt drukken. Het is net als een gedicht: je moet alles niet uit moeten leggen; het gaat erom wat de lezer eruit haalt. Als ik naar jouw werken kijk, dan doe ik dat gemakkelijker dan met zo’n scheefgetrokken portret van deze ‘grote meester’.

Maar meis, ik moet nu echt op huis aan, ik moet de kinderen zo uit school halen. Ik heb genoten van ons bezoek aan het museum. Ik bel je! – Kus.”

Tja, die Maaike! Ik kan zo genieten van haar ongezouten mening over kunst. 

Het blijft een mening natuurlijk maar ik vind het altijd spannend om een schilderwerkje van mij aan haar te laten zien. Toch trek ik me altijd wel aan van hetgeen zij erover heeft te zeggen. Ooit heb ik iets met brute kracht de prullenbak in geramd nadat zij het had beoordeeld. Later had ik daar ongelooflijk veel spijt van omdat ik het zelf heel erg mooi vond; dat doe ik dus nooit meer. Dan maar een fan minder.

Ik rijd het dorp binnen en ik verwens mijzelf dat ik vergeten ben dat het vandaag marktdag is. Nu kan ik mijn auto wel in de boom hangen, alle parkeerplekken zijn bezet!  Gelukkig is de school slechts twee straten verder dus ik kan dat wel aanlopen en ik ben ruimschoots op tijd.

Het is erg druk op de markt en ik twijfel even of ik meteen een kilo appels zal meenemen, die de kinderen altijd zo lekker vinden maar meteen besef ik dat ik nog slechts vijf euro bij me heb en mijzelf kennende, wil ik dan ook meteen ander lekkers kopen. Ik besluit om daar vanmiddag nog maar eens voor terug te gaan, dan heb ik ook meer tijd.

Ik zie opeens dat er een nieuwe kraam bij is. Het is een soort van rommelmarktkraam en ik verbaas mij daarover. Nooit eerder had deze markt iets dergelijks; het is normaal gesproken enkel gericht op de moderne huishouding en kleding.

Maar… dat schilderij! Je zou toch zweren dat dit een werk is van onze grote Picasso!
Dan herinner ik mij de woorden van Maaike: ‘ik heb een nichtje van acht jaar en zij doet het niet slechter dan dit werk van Picasso. Ik vraag me wel eens af of hij hiermee de hele wereld in de maling neemt met een prutswerkje dat hij in een dronken bui heeft gemaakt, nadat hij eerst vier keer tegen de muur is gelopen’…

Zou dit inderdaad een mislukt werk zijn van een niemendal? Zie ik in dit werk een Picasso omdat ik net wat van zijn werken bewonderd heb? Ik kijk naar de lijst die zwaar beschadigd is en ik probeer er een handtekening in te herkennen maar helaas zit er in de rechter onderhoek van  het werk ook een beschadiging.

10 Euro! Wellicht is het een miljoen waard?
De man naast mij is blijkbaar ook geïnteresseerd. Ik moet dat doek hebben, ik was eerst!  Shit! Slechts 5 euro bij me …

98c1770b137f44f1705f36da723c05f4_1406320

(vanaf hier is het verhaal van mij)

Maar vijf euro en die vent naast me kijkt me veels te verlekkerd naar het schilderij, een werkstuk wat volgens mij zomaar een Picasso kan zijn. Ik bedoel, het moet toch wel? Het kan nooit toeval zijn dat ik uitgerekend vandaag die tentoonstelling had bezocht – dit was een teken van boven. Er was geen andere verklaring. Het had simpelweg zo moeten gebeuren.
“Wel een aardig doekje heb je daar... maar toch tien euro, dat lijkt me overdreven voor iets wat duidelijk een poging van een amateur is.” De man naast me laat er geen gras over groeien. “Het is beschadigd ook, dus wat denk je mijn beste man? Een eurootje om je ervan af te helpen?”
Zijn bekakte stem, ook nog met een nasale klank en een superieure 'adelijke' houding scoort blijkbaar niet bij de verkoper. Die haalt op zijn gemak een pakje shag te voorschijn en beging een sigaretje te rollen. Slimme ogen nemen de ander schattend op. Met een halve glimlach om zijn lippen likt hij aan het vloeitje.

“Schilderijtje staat daar prima, meneer. Eet geen brood en is niet zwaar. Ik denk niet dat ik het erg zal vinden om hem weer mee naar huis te nemen. Tien euro is wat ik vraag en tien euro moet u er voor geven.”
“Luister kerel, ik wil je er alleen een plezier mee doen. Ik zoek nog een dingetje voor de badkamer en het vrouwtje houdt nu eenmaal van dit soort geklieder. Drie euri dan? En geen eurocent meer.”

Ik luister stilletjes naar de onderhandelingen terwijl ik belangstelling veins voor een afschuwelijk porseleinen beeldje wat een herderinnetje in roze en blauw moet voorstellen. Let wel: voorstellen. Geen enkele respectabele schapenhoedster zal zich zo belachelijk uitdossen. Zeker met die petieterige schoentjes van haar houdt ze het nog geen dag vol in een modderig veld.

Eurocent...euri...eurootje...het vrouwtje...

Als ik al niet iets tegen die vent had – hij wil tenslotte MIJN Picasso voor mijn neus weg snaaien! – dan kreeg ik het wel door zijn woordgebruik. Overduidelijk een man die zich erg goed voelt.
“Vijftien euro en geen eurocent minder.” De koopman diept een antieke aansteker uit zijn zak en laat die een indrukwekkende vlam produceren. “Misschien zelfs wel twintig,” vervolgt hij, terwijl hij een rookwolk in de mans gezicht blaast. “Kun je vast wel missen voor zo'n uniek kunstwerk.”
“Kunstwerk? Laat me niet lachen, mijn seniele schoonmoeder kliedert betere dingen op de dagopvang.”
“Hang je dat toch in je badkamertje?”

Voor de koopman is daar blijkbaar de kous mee af, want hij wendt zich tot mij. Met een vriendelijke knipoog vraagt hij: “Wil je dat poppetje hebben, dame? Of had je je oog op iets anders laten vallen?” Hij knikt veelbetekenend richting mijn beoogde Picasso.
“Ik heb alleen maar vijf euro,” heb ik het hart niet om te pingelen.
“Voor vijf euro is hij van jou.” Hij negeert de van woede briesende man en pakt het schilderij netjes voor me in een krant en neemt mijn vijf euro met een zwieige buiging aan. Wat een vreemd gezicht is bij een man met een sjekkie in zijn mondhoek.
“Mocht ik je ooit bij Tussen Kunst & Kitsch de jackpot zien halen met dit ding, wil ik wel een commissie van twintig procent!” roept hij me nog vrolijk na. Grijnzend als de Cheshire Cat kijk ik nog even op en wuif naar hem en met mijn schat dicht tegen mijn lichaam aangedrukt. Nu de kinderen snel van school halen en dan naar huis en aan een plan de campagne beginnen.

Een week later en ik was met een donderklap van mijn grote roze wolk gevallen. Gevallen? Zeg maar gewoon gecrasht. Mijn schilderij is geen Picasso, en komt er niet eens in de buurt. Daar had ik niet eens een expert om hoeven consulteren. Luister, ik schilder zelf en niet eens zo onaardig. Het is een van die dingen waar ik een passie voor heb en als je ergens een passie voor hebt, krijg je er vanzelf inzicht in. Mijn bescheiden kunstbibliotheek heb ik stuk gelezen. Geloof me ik heb alles wat ik over Picasso heb grondig bestudeerd en het schilderij is niet van de Spaanse meester.
Geen miljoenen voor mij en mijn familie. Alleen de vrolijke hoon van Maaike die opperde dat ik verblind was geraakt door de tentoonstelling waardoor ik overal Picasso's zag.

Ach, het maakt me niet uit. Want hoe je het ook wendt of keert voor mij is het schilderij wel dergelijk kunst en niet zomaar een broddelwerkje van een amateur.

c073aa4835a0290d379423a5963e0e6b_1406321

Tien jaar later

Tussen de mensen, beladen met tassen, dozen en zelfs koffers vallen Maaike en ik niet op als we met mijn ingepakte " Picasso" de trappen van het museum oplopen - ik zie verdikke zelfs mensen met steekwagentjes en eentje die een bolderkar voortrekt. Het verbaast me niets dat de cameraploeg juist die figuur aanspreekt en ons en onze bescheiden lading negeert, terwijl we ons in het geroezemoes van een opnamedag van Tussen Kunst & Kitsch induiken.
Een vriendelijke werkstudent overhandigt me een folder met plattegrond en wijst me en passant naar de tafel van de expert die ik hebben moet. Er staat al een lange rij, ondanks het vroege uur maar het maakt niets uit. Opgewekt sluit ik achteraan, wachten vind ik nooit erg en zeker niet als er zoveel te zien is en ik mijn oude vriendin Maaike bij me heb. Giechelend als twee schoolmeisjes fluisteren we onze commentaren over alles en iedereen. Hoewel we voetje voor voetje richting de tafel van de expert naderen, staan we oog in oog met de man voor we het weten.

“Nu zul je eindelijk weten dat je kunstwerk door een achtjarig meisje is gemaakt Muts,” sist Maaike zacht in mijn oor.
“Zal jij opkijken als het toch een Picasso blijkt te zijn, Doos” fluister ik even vrolijk terug. Natuurlijk geloof ik daar allang niet meer in. In die tien jaar heb ik er zoveel bijgeleerd dat ik tegenwoordig echt wel een Picasso herken. Toch zit er meer in mijn schilderij dan iedereen die ik ken denkt, dat weet ik zeker. En daarom ben ik hier, om het voor eens en altijd te weten te komen.

'Willem de Winter' staat er op het naambordje op de tafel. Daarachter zit een vriendelijk ogende man die te jong lijkt voor zijn weelderige dos grijze haren. Hij begroet ons met een brede lach en wacht geduldig tot ik het papier heb los gemaakt. Een geduld die naarmate mijn schilderij onthul plaatsmaakt voor een redelijke gretigheid.

aa222b9853f25788641050a4b907d3b3_1406320

Een uur later mag ik aanschuiven bij Frits Sissing en diezelfde Willem de Winter. Het schilderij staat trots op de tafel tussen hen in. Na een inleiding kijkt de presentator naar het werk en vraagt schalks: “Een Picasso, Willem?”

“Dat hadden we wel op de tafel staan dansen.” Hij schudt zijn hoofd. “Maar wel een mooi schilderij van een redelijk onbekende Nederlandse kunstenaar uit de twintigste eeuw. Wat we hier hebben is een werk van de schilder genaamd Ernst Vijlbrief. Een kunstenaar die behoorde tot de avant-garde schilders van de jaren zestig van de vorige eeuw.”
“Avant Garde? Wat wil dat precies zeggen, Willem?”
Ik verdenk Frits ervan dat hij dit alleen ten behoeve van de kijkers vraagt. De Winter springt er meteen op in door te vervolgen met zijn verhaal:

“Dat wil zeggen dat zijn werk bestond uit spontaan 'geschreven' vegen, lijnen, kringen, spatten en vlekken wat zijn gouaches betreft. Vijlbriefs schilderijen bestonden uit een dikke verfmassa met onstuimig geborstelde kleurvlakken. De kracht en vitaliteit van het werk is vergelijkbaar met dat van de Cobra-schilders, met wie hij in de jaren vijftig zo nu en dan samen exposeerde.” *

“Cobra? Was dat niet Karel Appel en Corneille?” Frits' aandacht is gewekt en die van mij en Maaike ook. Ik heb nog nooit van die Ernst Vijlbrief gehoord maar zoals De Winter over hem spreekt is hij niet de eerste de beste. Zo'n stomme aankoop was mijn schilderij toch blijkbaar niet.
“Een echte Vijlbrief, dus.” Frits wendt zich tot mij. “En u maar denken dat u een verloren Picasso in de kamer had hangen. Mag ik ook weten hoe u er aan komt?”
“Van een rommelmarktkraam, voor vijf euro.”
“Vijf euro ...” Ze draait zich weer naar de expert. “Dan denk ik wel dat mevrouw een goede koop heeft gedaan of niet?”
“Dat kun je zeker stellen, we mogen mevrouw er zeker mee feliciteren. Een doek als deze, geschilderd door Ernst Vijlbrief is zeker een paar duizend euro waard.”

Eurootjes – euri – dit vrouwtje heeft het dus niet eens zo gek gedaan tien jaar geleden. Vanuit een ooghoek zie ik hoe Maaike haar hand voor haar mond slaat. Zij heeft zich altijd vrolijk gemaakt over mijn aankoop. In gedachten vertel ik haar en alle anderen dat ik het lekker wel wist. Geen Picasso maar wel een echt kunstwerk. Nu moest ik wel nog op zoek naar de marktkoopman, om hem de beloofde commissie te bezorgen, zeker nu hij me gezien had bij Tussen Kunst & Kitsch.

* informatie komt van deze website

ea99eb6145323ceb24646a9eb0389c11_1406321

Wil je meer weten over Ernst Vijlbrief? klik hier

Stap over naar Essent

Help deze website en onze schrijvers, stap over naar Essent als energieleverancier.
09/09/2016 08:51

Reacties (4) 

1
11/09/2016 09:50
leuk verhaal
1
09/09/2016 11:31
Ik herken dit ook :)
1
09/09/2016 09:45
De goede oude tijd herleeft als ik dit verhaal lees. ☺☺
Zat Frits Sissing ook al in het oude verhaal of was het toen nog Nelleke (toch?)
Over je relatie tot Ernst Vijlbrief heb ik 'vroegah' ook iets gevraagd; er staat me iets van bij.
1
09/09/2016 09:54
Het was inderdaad toen nog Nelleke. En over Ernst, tja. Ik heb hem ook maar gegoogeld.
Copyright © 2016 Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden. Tallsay.com is onderdeel van Plazilla Ltd.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert