Herinneringen aan de Utrechtse horeca (5)

Door Edwin Bruinooge gepubliceerd in Reizen en vakantie

Persoonlijke herinneringen aan het uitgaansleven, Grand Cafés, restaurants, bruine kroegjes en hotels in de stad waar ik tweeëntwintig jaren heb gewoond. Herinneringen als gast én als werknemer. Deel 5 van 7.

 

Hotel Hobbies

f9c5e18af5466bf8e9f6dd0c461da372_medium.

Ik had het toch beloofd?

In deel 1 van deze serie had ik het toch beloofd? Mijn herinneringen aan mijn horecajaren in Utrecht bleken toch ietsje uitgebreider te zijn. En eigenlijk ook veel te lollig om tot één artikel te beperken. 
In deel 1 en 4 stel ik een aantal restaurants voor waar ik speciale herinneringen aan heb. In deel 2 doe ik hetzelfde met drankgelegenheden. Delen 3, 5, 6 en 7 worden een bloemlezing van mijn herinneringen als werknemer.
Deel 3 ging over mijn eerste leerschool, de keuken van mijn studentenvereniging. Delen 5, 6 en 7 gaan over de rest van Utrecht en omstreken. We beginnen met een voor mij hele belangrijke...

 

b0a357df328df97b1fbb4ce9c339db5a_medium.

Holiday Inn

Ik heb het al eerder gezegd, voor mij was het gewoon heerlijk om na een dag op de universiteit, waar ik me mentaal moest inspannen, te werken alleen met mijn handen en mijn geest rust te gunnen. Al heel snel kon ik terecht bij Holiday Inn, via Randstad. Mijn ervaring in de keuken van mijn studentenvereniging was een grote pré. 
Afwassers, daar hadden ze een chronisch gebrek aan. En dan vooral aan het soort dat zonder morren doorwerkt, pro-actief denkt en handelt en niet te beroerd is om ook eens wat extra's te doen.

Het was ruim voor de tijd van de Wet Verbetering Poortwachter en het arbeidsverzuim was hoog. Vooral tijdens Ramadan. Het was flink aanpoten en fysiek zwaar werk. En juist daarom voor mij zo ontspannend. Er waren twee spoelkeukens die op volle toeren draaiden. De een stond voor de keuken, naast de pantry van het restaurant, de ander in de keuken zelf. Er werd in twee diensten gewerkt. Ik was een van de vaste invalkrachten, een shift per week zat er altijd wel in. 

f42b41c2b71239b54ed8d6ebc45f3473_medium.

Als ik terugdenk, zijn het vooral de mensen die me bijblijven. Het werk werd eigenlijk bijzaak, ik voelde me gewoon thuis in het sfeertje daar. In het begin was het anders, het was nog even wennen. Je bent qua functie het laagste van het laagste en bovendien de zoveelste 'Randstad'. Daar moet je doorheen prikken maar ben je eenmaal geaccepteerd, dan zit je goed.
Voor mij kwam dat in een periode dat ik vaak aan de restaurantkant stond en een vriend van me aan de keukenkant. Mister Gaunt, een Engelse kok met glazen oog, iemand die als kind 'The War' nog had meegemaakt, kwam met een oude ham bij mijn vriend en vroeg hem het weg te gooien. Die mafkees vond het ineens nodig om de beroemde schedelscène uit Hamlet na te spelen. Met de ham in zijn hand declameerde hij (foutief) "Alas poor Yorick, I knew him well!" en smeet het in de vuilnisbak.
   "F*ing Hell, you know Shakespeare!", was het antwoord.
   Mister Gaunt kwam er al snel achter dat ik minstens zo'n mafkees was.

c2d1c5318dae9d627f00a25d8b3f1a05_medium.

Over de situatie binnen Holadiejee, onze naam voor Holiday Inn, zou ik zo drie artikelen kunnen schrijven. Ik hou me in.
   Ik denk aan C, de uiterst correcte en stijlvolle receptionist wiens levenspartner één keer een faux pas maakte, met als gevolg dat C. het eerste AIDS-slachtoffer werd uit mijn omgeving.
   Ik denk aan BH, het directielid die dacht dat loyaliteit en hard werken afgedwongen kon worden met lichte terreur en arrogantie, maar die - mede vanwege zijn ontoereikende postuur en totaal gebrek aan voorbeeldgedrag - absoluut niet serieus werd genomen. Als hij zijn kleine hielen had gelicht, dat dan weer wel.
   Ik denk aan de ex-directeur, op een lager plan gezet, die in 'noodsituaties' eerst met een biertje kwam voordat de handen uit de mouwen moesten. Een man voor wie je vloog als hij het vroeg.
   Ik denk aan die oude Marokkaanse schoonmaker, een echte calvinistische moslim, vanwege zijn ongelooflijke arbeidsethos. Hoe hij, die zelf geen druppel dronk, het een eer vond om de koks van een biertje te voorzien. Hoe hij trillend op een ladder stond om de afzuigkappen schoon te maken, omdat hij ontzettend last had van hoogtevrees. Hoe ik dan de chef moeiteloos overtuigde dat het beter was als we even van werkzaamheden wisselden.
   Ik denk aan M, het meisje uit de bediening. Altijd keek ik bij het inklokken op het rooster of zij er ook was. De vreugde die ik voelde als ik haar naam op het rooster zag. De korte relatie die ik met haar kreeg, de enige vriendin die ouder was dan ik. Hoe bizar de eerste shift was toen het uit was geraakt en hoe natuurlijk we met elkaar bleven omgaan, want we waren toch volwassen? En dat ik, nu ik een recente foto op Twitter vond, haar nog steeds een schatje vind.
   De vriendschap die ik sloot met de bellboy T. Een vriendschap die leidde tot die mooie vakantie in Toulon, waar ik al eerder over schreef.
   Het medelijden dat ik voelde voor Mr. Gaunt, een ontwikkeld man die geen aanspraak had bij zijn collega's. De interesse die ik voelde bij zijn oorlogsherinneringen vanuit kinderogen en met name de betekenis van de toespraken van Churchill.
   De verbijstering die ik voelde toen een Joegoslavisch vrouwtje van pak hem beet 1.55 m met rugklachten uit de housekeeping werd gehaald en in de spoelkeuken werd gezet, zeer tegen de zin van de koks. Hoe ze haar bewust de ziektewet in pestten door haar werk op hoogte te laten doen, wat met haar lengte ondoenlijk was. Hoe een van de koks tegen me zei: "We hebben veel liever jou of andere studenten dan zoiets."

f194d9d8e3ae081bcdabde97529547da_medium.

   Ik herinner me die charmante oudere dame (want tien jaar ouder dan ik) van de gift shop, altijd tip-top gekleed en elke dag in een nieuwe fleurige outfit. Hoe aardig ze was, hoe charmant en hoe ontzettend bekend ze me voorkwam. Mijn verbazing toen ik hoorde (en nu ook herkende) dat zij 'die blonde zangeres van Luv was'. 
   Ik denk aan Chef dH, met wie je vreselijk kon lachen, maar aan wie je een hele kwaaie had als je over zijn grenzen ging. Telaatkomen bijvoorbeeld. De K-klusjes die hij dan voor je verzon, die diende je manhaftig te dragen. Daarna was het zand erover. Zijn gevleugelde kreet "Vroeger kregen we nog wel eens wat te drinken" gebruik ik nu nog, in meer varianten.
   Directeur H, die blijkbaar dacht dat ik van een andere planeet kwam toen hij me vroeg om de afwasmachines een extra beurt te geven, vanwege de rode aanslag, dat een soort schimmel was. Waarop ik verbaasd reageerde met de opmerking dat het wel heel wonderlijk was, een levensvorm die in een ontzettend basisch milieu bij 85° Celsius kon leven. Nu snap ik dat het voor een horecaman gewoon rotzooi was dat weg moest, ook al vond een studentje biologie het een interessante levensvorm.
  Als ik aan Chef D. denk, zie ik een man die gevoeliger was dan hij leek. Een man, die vroeger een opgewonden standje was en - volgens zeggen - nog wel eens gericht gooide met een volle pan. Gewoon een heel mooi mens en altijd voor rede vatbaar. Hij gaf me gelijk. Als je net het emballagehok op orde hebt gebracht, waar het 50 °C was, dan was het schoonmaken van de vriezer bij -20 °C een té grote overgang. Natúúrlijk mocht ik even een kwartiertje wachten.
   De sous-chef, wiens naam ik kwijt ben. Een jonge blonde en gezellige Utrechter. Die heel goed doorhad hoe ontzettend ik baalde bij de aanvang van het wildseizoen, omdat ik overspoeld werd met aangebrande pannen. Hoe hij weer met een stuk of drie kwam, maar me toefluisterde heel voorzichtig te zijn en vervolgens een bakje pepersaus bij me neerzette. In de onderste pan lagen twee hazenruggen op me te wachten.
   Receptioniste C., misschien wel de mooiste en meest verleidelijke vrouw die ik ooit live zag. Hoe ik me kon voorstellen dat wanneer haar stem over de intercom klonk, alle mannen in het restaurant spontaan koortsig werden. Hoe mij dat ook overkwam, toen ik na een ochtend koffers sjouwen voor een groepsreis van haar haast bewonderende opmerkingen kreeg over mijn armspieren. Hoe haar compleet gebrek aan capsones haar nóg aantrekkelijker maakte.  
   Ik denk weer aan die jonge receptionist die een groep Japanners niets duidelijk kon maken. Maar mij lukte het wel, met gebarentaal en een paar woorden Japans, die ik uit de serie 'Shogun' had onthouden.
   Ik denk aan receptioniste A., met haar guitige lieve gezichtje, die toch niet met mij naar het gala kon. Maar haar goede vriendin, die ik immers ook had ontmoet, die kon misschien wel. Haar enthousiaste reactie, de geweldige avond, de werkelijk ontploffende verliefdheid en de korte en vooral bizarre relatie die daarop volgde. Wat uiteindelijk culmineerde in vijf jaar Bijbelstudie met Jehovah's Getuigen. Het kan zo verkeren in een mensenleven. 

e6778b8a5ac4e66f0931e17b9c2d14a6_medium.

   Die zaterdagavond, de laatste avond van het zaterdagbuffet in de Railroad Bar op de eenentwintigste verdieping, toen ik een complete varkenspoot met kilo's vlees en een nauwelijks aangesneden achterham eraan moest weggooien. Hoe ik het tegen alle regels in verstopte in een AH-zak en heimelijk het hotel uit smokkelde. Hoe ik ermee naar mijn vereniging fietste, waar een klein gezelschap aan de bar zat. Hoe ik die ontzettende varkensachterpoot met een grote klap op de bar liet neerploffen met de woorden: "Kom op mensen, we gaan vreten als Asterix en Obelix!" Hoe het beantwoord werd met een luid: "Broeva! Haro!"
   Hoe ik bij die typische horecatermen als 'Annoncé' en 'Bon!' weer gewoon terugschiet in de tijd, naar daar, naar mijn Holadijee.

Het was een aparte toko. En het was een mooie tijd. Holiday Inn Utrecht is nu overgenomen door NH Hotels. Het voelt als verlies.

 

8494d0984336bacd3e9dd8e993001642_medium.

Hotel de Postiljon in Bunnik

Holiday Inn was niet het enige hotel waar ik werkte. In Bunnik, een dorpje in de buurt, ligt Hotel de Postiljon. Nu heet het Postillion, maar ik weet zeker dat het in mijn tijd anders gespeld werd. Geen flauwe notie via welk uitzendbureau ik daar terecht ben gekomen, ik vermoed Tempo Team, maar de lange en 's nachts donkere weg tussen Utrecht en Bunnik heb ik toch regelmatig afgelegd.
In eerste instantie stond ik ook daar in de spoelkeuken, maar als ik kon kiezen tussen de Postiljon en Holadiejee, was de keuze niet zo moeilijk. Al was het alleen maar vanwege de sfeer.
Ik draaide er twee grote huwelijksfeesten in de bediening en achter de bar. Blijkbaar naar behoren, want ze wilden me graag terugzien achter hun hoefijzervormige bar naast de lounge. Het waren wel late diensten, dus dat zou betekenen dat ik na half drie 's nachts pas thuis kon zijn. Dat vond ik geen enkel bezwaar.
De manager die me inwerkte had heerlijk simpele regels. Een kassatekort kwam in principe uit mijn zak; een kassaoverschot, dat heette fooi en alleen een dief van zijn eigen portemonnee laat dat na zijn shift in de kassa achter. Als ik daar achter de bar stond, dan was het mijn bar en een beetje barman bepaalt zijn eigen sfeer.

3017e9a37e7d77080773e30c0ae82972_medium.

Het mooie van werken achter een hotelbar is de complete variatie in hotelgasten. Dat vraagt aardig wat van je inlevingsvermogen en je omschakelkunsten. Ben je net nog door vijf werklui aangeroepen met: "Hé obertje, doe eens even lekker zes bier en neem zelf ook wat, joh hee!", waarop je dan gepast familiair reageert, een minuut later willen twee ernstig kijkende en afstandelijk geaffecteerd sprekende éminences grises van je weten of je misschien geen betere cognac voert dan het maar erg gewone Remy Martin en mocht dat niet zo zijn, welke single malt je ze dan kan aanraden. Op een of andere manier ging die omschakeling me heel natuurlijk af. Zes jaar studententoneel werpt wel zijn vruchten af.

Vreemde situaties maakte ik daar mee. 

Soms voelde ik me hulpverlener. Dan zat er een man aan de bar, iemand tussen mijn huidige leeftijd en tien jaar jonger en telkens kwam hetzelfde probleem op tafel. Alles gegeven voor de carrière, maar nu gescheiden van zijn vrouw en zijn kinderen zag hij nog maar nauwelijks. Een vertwijfeld 'En waar heb ik het nou allemaal voor gedaan?' Ik knikte begrijpend, maar in die tijd kon ik hier geen greintje medegevoel voor ondervinden. Zelf had ik nog wat te verwerken met de scheiding van mijn eigen ouders en alles wat dat teweeg had gebracht. De tijd dat ik zelf scheidde, of zelfs trouwde, lag nog ver in de toekomst. Eigenlijk voelde ik gewoon minachting; mijn empatisch vermogen schakelde in die tijd sterk tussen zwart en wit. Ook speelde cynisme een belangrijke rol. Van de vijf gesprekken die ik daar voerde eindigden drie met het verzoek of ik - desnoods via de receptie - een 'gezelschapsdame voor die nacht' kon regelen. 

419a622e9adf3076f95f68f6ec2b88cd_medium.

Bedrijfsfeestjes werden meestal in een aanpalende ruimte gegeven, maar men mocht op eigen kosten bij mij de drankjes bestellen die niet bij het arrangement inbegrepen waren. Ik zie hem weer voor me. Waarschijnlijk een salesmanager met een goede slok op die heel populair aan het doen was bij twee piepjonge secretaresses. Gewoon weer zo'n ouwe bok. Gewoon weer iemand van mijn huidige leeftijd die denkt dat hij nog aantrekkelijk is voor jonge schoonheden. Daar wist ik wel raad mee. Met een gloeiend hete aardappel in de keel vroeg hij me luider dan in het zakenverkeer gebruikelijk is of ik deze twee prachtige vrouwen van een mooie cocktail kon voorzien. Zelf lustte hij er ook wel eentje. De valse rotzak in me nam het over op dat moment. De dames kregen twee heerlijke longdrinks, de man in kwestie ook een erg goede, maar vooral erg sterke. Mocht hij wat willen proberen bij een van de dames, ik zou er wel voor zorgen dat het door mijn drankje fysiek onmogelijk werd. 

Ik was niet altijd vals. Eén avond zal ik nooit vergeten. Er was een familiefeest en ik had al begrepen dat de oma, die het organiseerde, niet lang meer te leven had. Haar hele leven was ze zuinig en spaarzaam geweest en nu wilde ze het vieren, met haar hele familie. Aan de hand van een van haar dochters kwam ze binnen. Een broos lichaampje met zo'n mooi doorleefd gezicht en haast speelse oogjes, waar de dankbaarheid voor deze avond zowat uit leek te vlammen. Spontaan hield ik van haar. Ja, ze nam regelmatig een sherrytje, maar omdat dit een speciale avond was, wilde ze iets bijzonders. Ik had een brok in mijn keel toen ik haar vertelde dat ik net een recept had gekregen van de barman van Holiday Inn, het recept van de winnende longdrink van dat jaar. Whisky, Amaretto en rodedruivensap. Die mocht het worden. Na de eerste slok keek ze me lachend aan en zei: "U, meneer. U begrijpt me!" De tranen brandden in mijn ooghoeken.

2a1e46a6c0b00f698263d975b0c1ac33_medium.

De laatste keer dat ik daar werkte, bleek het belang van goed people management. Een bedrijfsfeest was in de zaal naast me aan de gang en een van de obers kwam tot vier keer toe een vijfdubbele wodka halen. Na de vierde keer vroeg ik hem waarom hij niet gewoon een fles bij mij aanschafte, dat was toch veel makkelijker met mixen? Toen bleek dat hij een enkele gast van twintig maatjes wodka had voorzien. Ik ging uit mijn plaat en foeterde hem uit. Of hij helemaal van de pot gerukt was en of hij zich wel realiseerde dat wij aansprakelijk waren. Op hoge poten ging ik naar mijn manager en begon met vertellen dat ik niemand wilde verlinken, maar dit kon toch écht niet. Hij gaf me gelijk en zei: 'Dankjewel voor de melding, je hebt volkomen gelijk. Niks meer geven, ik los dit op en dit verhaal krijgt een staartje.'
Ik kreeg het staartje. Bij het schoonmaken van de bar zag ik een enorm plakkaat dampende kots in een hoek liggen. Ik vloekte vanuit mijn teennagels. Mijn manager vroeg me geërgerd wat mij nou weer bezielde en ik legde het uit. Hij keek me aan, zag hoe moe, hoe warm en hoe geagiteerd ik was en legde een arm om mijn schouder.
   'Wist jij dat we hier een waterstofzuiger hebben? Weet jij wat voor een fluitje van een cent zo'n beetje kots voor dat apparaat is? Als ik hem nou eens haal, dan maak jij het zootje schoon en leg ik je de werking van het ding uit. Is dat een plan?' Ik gaf twee duimen omhoog en vijf minuten later slurpte het ding alles op, terwijl mijn manager me in geuren en kleuren vertelde wat de kotsende man in kwestie die avond allemaal wel niet gegeten had, want dat kon hij gewoon zien. Ik zakte bijna door mijn benen van het lachen. Zo motiveer je dus iemand. Met lekker zieke horecahumor. Ik gun hem een geweldig succesvolle carrière in het hotelwezen.

2dd7c0de2306d1fa464c1d1b39ce63f7_medium.

Nawoord

Uiteindelijk zijn het zeven delen geworden. Ooit komt er misschien een deel 8 en 9, herinneringen en anekdotes van anderen. We shall see.

Dit is de rest van de serie:

  • Deel 1 - inleiding en herinneringen aan speciale restaurants
  • Deel 2 - herinneringen aan speciale kroegen
  • Deel 3 - mijn eerste stappen binnen de horeca: de keuken van mijn studentenvereniging
  • Deel 4 - nog meer markante restaurants
  • Deel 6 - twee andere hotels
  • Deel 7 - mijn mooiste job in de horeca, en twee bizarre banen in de night shift.
25/01/2016 14:25

Reacties (0) 

Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert