Een atheïst heeft begrip voor Jehovah’s Getuigen - deel 1

Door Edwin Bruinooge gepubliceerd in Persoonlijke ervaringen

Een atheïst die Jehovah’s Getuigen verdedigt. Kan het nog gekker worden hier? Ooit heb ik besloten tot een jarenlange Bijbelstudie met hen. Maar ze overtuigden me niet. En toch, ergens respecteer en waardeer ik ze. Wil je weten waarom?

 

All along the Watchtower

 

f24908e7902a0f3bf6a7fffcf923cde7_medium.

De aanleiding

Regelmatig lees ik discussies over geloof, religie, spiritualiteit en daarbij horende filosofieën, allemaal onderwerpen die mij buitengewoon interesseren. Hier en op diverse andere sites. Ook las ik discussies over menselijk gedrag, motivaties hiervoor en hoe dit gedrag door diverse lezers werd waargenomen en beoordeeld. Soms waren het discussies waaruit een goed lezer nieuwe inzichten en nieuwe invalshoeken kon halen. Meestal echter niet.

Elke discussie lijkt te worden ontsierd door mensen die willen spuien en mensen die alleen voor eigen parochie lopen te preken. Met als gevolg dat anderen zich op de tenen getrapt voelen en in de verdediging schieten. Of in de aanval. Deze ontsiering komt niet alleen voor in de artikelen zelf. Zelfs bij een mooi artikel, goed en respectvol geschreven, waarbij de schrijver de moeite neemt om een standpunt van meerdere kanten te bekijken en zélfs te onderbouwen, komen mensen die met hun reacties afbreuk doen aan de toon van het artikel. Daarmee smoren ze een interessante discussie in de kiem of sturen het richting ‘pissing contest’. Het spuien gaat vaak gepaard met jij-bakken, andere vormen van “ad hominem”-redeneringen en vooral heel veel ongefilterde emotionaliteit. En vaak ook nog een gebrek aan ter zake doende kennis. Het voor eigen parochie preken gaat bijna altijd gepaard met ‘eindeloze herhaling’. Dat werkt in de reclame immers ook prima.

86f37039d8d101f483bc28106c267321.jpg

Het is jammer, maar het is ook ontzettend menselijk. Ik doe het zelf ook. Ik wil het niet, maar ik heb mezelf niet altijd onder controle. Daar streef ik ook niet naar; ik wil wel een beetje losjes kunnen leven. Ik ben niet perfect en ga het ook nooit worden. Toch zijn er een aantal uitgangspunten waaraan ik graag vast wil houden.
Een daarvan is “Practice what you preach.” Wees integer en pas in je eigen leven toe waar je over loopt te prediken. Ontzettend moeilijk en ik ga vaak genoeg plat op mijn bek. Zeker wanneer ik geconfronteerd wordt met een opvatting die mijlenver af staat van de mijne. Een opvatting waarvan ik met mijn verstand en gevoel niet kan begrijpen dat iemand die kan koesteren, in geloven en er naar leven en handelen. Mijn natuurlijke neiging is om zo’n persoon een labeltje te geven en in een virtueel hokje te plaatsen. Zweefteven, reli-gekkies, haatbaarden, aluhoedjes en onderbuikbrallertjes, zo ken ik er nog wel een stel. Ik schud ze zo uit de mouw. Of ik leen ze van Geen Stijl, de taalvernieuwers (of taalvernielers) bij uitstek.

Ik schreef het in iets andere vorm bij een ander artikel. Een zin waarin ik heilig geloof. “Bij ‘ons soort mensen’ onderscheiden wij alle grijstinten; bij ‘die anderen’ alleen zwart en wit.”
Ons soort mensen zijn in dit geval mensen met opvattingen die overeen komen met de onze. De anderen, dat zijn zij met opvattingen die wij niet delen en waar we vaak ook geen voorstelling van kunnen maken. Als ‘die anderen’ verbaal worden aangevallen, accepteren wij meer dan een aanval op een van ‘ons soort mensen’. Om een voorbeeld te geven: politici, dat zijn overduidelijk ‘die anderen’. Dus is het hier geaccepteerd om ze te stigmatiseren en voor rotte vis uit te maken. Ik zie het elke dag.

b4b424ec9bd3ce8d7301e33e43db4798_medium.

Ooit ontmoette ik een spiritueel coach, een bijzonder wijze vrouw. En ze zag er nog leuk uit ook. Ja, dat kan! Ze gaf me een wijze les. Ze zei tegen me dat ik de neiging heb om snel te oordelen. Want ik had een zeer sterk ontwikkeld rechtvaardigheidsgevoel. Maar ze wees me op de keerzijde. Door te snel te oordelen, door ze te snel in een voor mij comfortabel hokje te plaatsen, ontneem ik mezelf de kans om ze écht te leren begrijpen. “Walk a mile in their shoes!”, drukte ze me op het hart. Verplaats je in hun gedachtenwereld en probeer te begrijpen waarom ze handelen zoals ze doen. En omdat ze wist dat ik een wetenschappelijke en commerciële achtergrond heb, voegde ze er met een knipoog aan toe: “Zie het maar als een experiment dat je alleen maar voordeel op kan leveren.”

Ik ga het doen. Ik ga me verplaatsen in de gedachtenwereld van een groep die ik redelijk tot goed heb leren kennen. Een groep mensen bij wie ik het experiment ‘walk a mile in their shoes’ al veel eerder heb uitgevoerd, maar dan zonder die titel te kennen. Een groep mensen met opvattingen die zo mijlenver van de mijne afstaan, dat ik ze als “die anderen” zie. Jehovah’s Getuigen.

7dae3577745db6489906491ca4996055_medium.

Mijn eerste contacten met Jehovah’s Getuigen

Op mijn lagere school had ik twee klasgenootjes die opgevoed werden als Jehovah’s Getuige. En inderdaad, niemand wist wanneer ze jarig waren en ze namen ook geen traktaties van ons aan. Wij haalden onze schouders op; het hoorde nou eenmaal bij hen. Vijf minuten later waren ze gewoon weer een integraal deel van onze groep. We speelden dezelfde spelletjes, we maakten dezelfde rekensommen en dezelfde tekeningen. Op feestdagen waren ze niet aanwezig. Dat viel nauwelijks op; elke week was er wel eens iemand ziek of afwezig. Een van hen hield een spreekbeurt over Jehovah’s Getuigen en verjaardagen. Met prachtige en spannende Bijbelse verhalen; wij hingen aan zijn lippen. En we vonden het eigenlijk heel logisch klinken.
Van een van de jongens weet ik dat hij rond zijn zestiende van zijn moeder de keuze mocht maken of hij door wilde gaan of niet. Hij is toen volledig losgegaan. Ik herinner me hem nog goed. Toen wij beiden in de laatste klas van de lagere school zaten, keken wij vaak naar elkaars tekeningen. Ik tekende altijd Romeinen en dinosauriërs; hij altijd hele veldslagen met tanks en bombarderende vliegtuigen. Altijd met heel veel geweld.

9078f6b5b65da7a043e1997222fdfae0.jpg

Wat was de aanleiding voor mijn experiment met Jehovah's Getuigen?

In 1988 werd ik smoorverliefd op een meisje dat een paar jaar eerder uit eigen beweging voor Jehovah’s Getuigen had gekozen. Voor mij bleef ze een raadsel: twee personen in één lichaam. Een uiterst passionele, verleidelijke en gedreven jonge vrouw met wereldse ervaring, gekoppeld aan een eveneens uiterst gedreven en strenge christenfundamentaliste. Mensen die de Bijbel zo letterlijk interpreteerden kende ik eigenlijk niet. Natuurlijk wist ik wel dat ze bestonden; ik keek ook wel eens naar de EO, in die tijd nog onder het bewind van de ultraconservatieve Glashouwers. Maar dat de consequenties van een extreem letterlijke interpretatie zo allesomvattend waren, had ik nooit kunnen vermoeden. Omdat ik graag met het meisje in kwestie verder wilde, was het voor mij van groot belang om ‘common ground’ te vinden. Dat bleek onmogelijk. Alles wat ik geloofde, zou ik van me af moeten werpen, alles wat ik geleerd had, was niet meer van toepassing. Het enige wat er toe deed was de letterlijke lezing van de Bijbel. Dat was het fundament; alles wat hiermee in tegenspraak was, MOEST wel fout zijn, een domme vergissing, oogkleppenpolitiek van intellectuelen of gewoon geïnspireerd door Satan.
Geen compromissen mogelijk. Het werd uiteindelijk niks tussen ons. Als een soort afscheid gaf ze me het boekje “Leven – Hoe is het ontstaan? Door evolutie of door schepping?” Ik heb het gelezen, met stijgende verbazing en verbijstering. Ik heb het nog steeds in mijn kast staan. Een paar maanden na dit afscheid, stonden er ineens twee dames voor mijn deur. Ik had in de eerste seconde al door wat ze kwamen doen en wie ze vertegenwoordigden. Op mijn “Ja, gezellig! Kom binnen!” keken ze even verbaasd; ze waren dit duidelijk niet gewend. Na een kort gesprek besloot ik verder met ze in zee te gaan en een Bijbelstudie bij ze te volgen. Mijn redenen waren:

  • afsluiting van een verliefdheid;
  • het meisje in kwestie beter willen begrijpen;
  • behoefte om sowieso meer van de Bijbel en het Christendom te weten te komen.

Daarnaast wilde ik graag weten hoe een bekering in zijn werk gaat en of ze mij ooit zo ver zouden krijgen. Voor mij was het ook een soort sociaal experiment, met mezelf als proefkonijn. Het experiment heeft een aantal jaar geduurd en ik heb er veel van geleerd.



Mijn experimentele ervaringen

Individuele bijbelstudie. Ik verwachtte eigenlijk dat we bij Genesis zouden beginnen en bij Openbaringen zouden eindigen. Gewoon van kaft tot kaft lezen en verklaren. Dat was dus niet zo. Bijbelstudie gaat aan de hand van een aantal lesboekjes, geschreven en uitgegeven door The Watchtower Society, dat haar hoofdkwartier in New York heeft. Wereldwijd wordt exact hetzelfde uitgegeven en vertaald in alle mogelijke talen. Een goed geoliede organisatie. Elke twee weken – als ik het me goed herinner – geven ze de tijdschriften Wachttoren en Ontwaakt! uit.

39173a6c126f48e4dd0cec9d8157dfd8.jpg

Bijeenkomsten en bijbelstudies in groepsverband vinden plaats in hun “kerk”, die ze Koninkrijkszaal noemen. Als ex-katholiek was ik aardig wat pracht en praal gewend. Daarvan is bij hen geen sprake. De ruimtes zijn sober en uiterst functioneel. Zo’n eerste bijbelstudie in een Koninkrijkszaal was voor mij een openbaring. Maar dan wel eentje die zij niet zo gepland hadden. Je voelt je meteen welkom in een warm nest, mensen tonen interesse en ik ben er van overtuigd dat ze oprecht het beste met me voor hadden. Maar bijbelstudie is geen bijbelstudie; het is Wachttorenstudie. Er wordt een artikel behandeld en de vragen die bij dit artikel staan worden letterlijk aan de gemeente gesteld. De antwoorden staan overigens ook vermeld, onder het artikel zelf. En als een jongetje van acht dit exact, woord voor woord opleest, is het vertederend. Als een vrouw van 45 hetzelfde doet, bezorgt me dat hevige jeuk.

Op mij kwam het over als een uiterst vriendelijke vorm van hersenspoeling. Omdat ik weet dat hetzelfde over de hele wereld wordt behandeld, vrijwel tegelijkertijd. Toch, als ik om me heen keek, zag ik geen willoze halve zombies, maar mensen zoals jij en ik.
Een positief gevoel krijg ik als ik me de warmte en het gevoel van welkom herinner. Ik heb echt oprecht lieve en aardige mensen ontmoet.
Eens in de zoveel jaar is er een landelijk congres, soms zelfs internationaal. Heb ik nooit meegemaakt. Wel een districtscongres, met belangrijke mededelingen namens het besturend lichaam uit New York, een massale doop door onderdompeling en heel veel kennismakingen, die mij duidelijk maakten dat zo’n bijeenkomst ook een belangrijke ‘huwelijksmarkt’ is. Dit is niet negatief bedoeld, overigens. Maar wel opvallend. Goed voor je ego, dat ook. Apart om te zien dat aanvankelijk enthousiasme en hartelijkheid toch plaats maakt voor geïnteresseerde gereserveerdheid, als duidelijk wordt dat jij ‘nog een leerling’ bent. En dus nog kan kiezen voor Satan’s wereld. Wat ik in hun ogen uiteindelijk ook heb gedaan.

2530e1018208485b7e52c54dc6864de2_medium.

Persoonlijke contacten doorbreken mijn experiment

Ik dacht dat ik mijn ‘experiment’ wel met een redelijke afstand en objectiviteit kon uitvoeren, maar niets was minder waar. Dit was even iets heel anders dan ik tijdens mijn studie biologie had meegemaakt. Ooit heb ik een week lang het gedrag van apen moeten observeren en duiden. Na een week voel je je verbonden met die dieren, vooral omdat hun gedrag zo ontzettend op dat van ons lijkt. Je gaat de individuen onderscheiden en tijdens ruzies merk je dat je “partij” gaat kiezen voor de aap die het meest aanspraak kan maken op jouw sympathie. En actief experimenteren? Dat heb ik gedaan met ratten, watervlooien, kikkers, bacteriën en meervallen. Dan is het handig als je professionele afstand kan bewaren, zeker als je dieren moet doden. Ik heb daar altijd moeite mee gehad en eigenlijk ben ik daar wel blij om. Kleine uitzondering waren de meervallen. Die gingen dezelfde avond gewoon in de pan.

Maar nu was ik aan het experimenten met mensen. Gaandeweg was de onderzoeksrelatie veranderd. Ik was niet meer het proefkonijn, zij waren het geworden. Omdat ik eigenlijk al een hele tijd wist dat ik me nooit zou laten bekeren. En toch ging ik door. Voor mijn vrienden hield ik dit min of meer verborgen. Er was iets dat aan me knaagde en me eigenlijk deed schamen. Mijn familie wist van niets. Ik was in die tijd de enige van ons gezin die nog in Nederland woonde; de rest woonde al een tijdje in de Verenigde Staten.
Jehovah's Getuigen kwamen niet alleen bij mij, ik kwam ook wel eens bij hen thuis. De gesprekken die we dan voerden gingen wel over het geloof, maar dan buiten de didactische setting van een bijbelstudie. Het werd normaal menselijk contact met mensen die ik als vrienden begon te beschouwen. En soms hadden we het ook over hele pijnlijke zaken.

2d21c7d42f00512f729e804fb0084a48.jpg

Ik herinner me een jong echtpaar bij wie ik over de vloer kwam. Het gesprek ging over familierelaties. En ineens zag ik de man, die ik had leren kennen als een vrolijke intelligente vent met een aanstekelijke vorm van botte humor, op zijn lip bijten en de ogen sluiten. Zachtjes vertelde hij over zijn broer, met wie ze gebroken hadden. Vanwege een buitenechtelijke relatie. Hij zag aan mijn blik dat dit mij schokte. Ik wist het wel, als iemand voor de ‘wereld’ kiest, wordt hij uit de gemeente gestoten en is in feite dood. Omdat hij voor Satan heeft gekozen en daarmee voor het lot dat Satan wacht, de eeuwige dood, zonder opstanding.
Ik vond het altijd een bikkelhard standpunt, dat alleen door ultrafanatieke geloofsgekken verdedigd kon worden. Door een dictatoriale organisatie opgelegd, door slaafse volgelingen uitgevoerd. Als je dat deed, moest je wel compleet gehersenspoeld zijn en eigenlijk gewoon totaal gestoord. Ziek gedrag! Walgelijk gedrag! En nu zag ik de nuance. Ik zag en voelde zijn pijn en doffe ellende. Ik zag dat hij dit alleen kon volhouden als hij echt volledig en rotsvast overtuigd was van het gelijk van zijn geloofsleer. Ik voelde dat hij dit alleen kon volhouden als hij meer van Jehovah hield dan van zijn eigen vlees en bloed. Ik begreep hem, maar kon niet gaan waar hij ging. Maar zijn pijn was reëel en toen hij vertelde dat hij elke avond Jehovah smeekte, opdat Hij het hart van zijn broer opnieuw zou openen voor de waarheid, omdat hij niets liever wilde dan zijn broer omhelzen, toen ik zijn stem hoorde breken, kreeg ik een brok in mijn keel en maakte mijn onbegrip plaats voor menselijk medeleven. Maar het onbegrip ging niet weg.

df84a22dfdc872f57701e7a4946aa02d.jpg

Bij een ander echtpaar had ik een soortgelijke ervaring, dit keer bij de echtgenote. Haar zus had zich aangesloten bij de Pinkstergemeente. Haar zus trouwde en zij was uitgenodigd voor het huwelijk. Ze had er lang over moeten nadenken. Ze zag dat ik dit niet begreep en legde het me uit. Het spreken in tongen, wat door de Pinkstergemeente wordt gezien als ‘uitstorting van de Heilige Geest’, zien Jehovah’s Getuigen als een soort ‘jezelf openstellen voor Satans demonen’. Die dan vervolgens bezit van je nemen. Ik zag het afgrijzen in haar ogen toen ze vertelde dat haar zus met bloeddoorlopen ogen en schuim op de lippen vreselijk tegen haar stond te vloeken. Ik weet niet meer in welke taal. Omdat ik tot op dat moment uitsluitend negatieve ervaringen had met de Pinkstergemeente, voelde ik bij mezelf een soort plaatsvervangende boosheid. Ik zag dat ze er rotsvast van overtuigd was dat haar zus op dat moment bezeten was door een gevallen engel. Ik zag het onpeilbare verdriet op haar gezicht, de tranen die over haar wangen stroomden. En hoewel ik het niet kon geloven, hoewel ik nog steeds niet geloof dat zoiets mogelijk is, ik kon niet anders dan haar verdriet en pijn serieus nemen. Het liefst had ik haar omhelsd, haar tranen gedroogd en haar troostend gestreeld.

baf45ae6f978ec5bc962f638a47de3e0_medium.

Het einde van een experiment

Ervaringen als deze zorgden ervoor dat ik me begon te schamen om mijn onoprechtheid. Ik wist dat ik niet voor ze ging kiezen, maar ik wilde ergens ook niet stoppen. Ik had genoeg van ze, maar wilde ze niet kwijt. Ik trok me een beetje terug en begon wat meer afstand te houden. Ik merkte wel dat zij mij zo langzamerhand als een ‘lost cause’ begonnen te zien. Steeds vaker namen ze ‘experts’ mee, om op een ‘hoger niveau’ met mij te discussiëren. Maar ook die experts konden mij niet over de streep trekken. Uiteindelijk is het toch tot een breuk gekomen, maar hoe ik ook probeer, ik kan me de precieze omstandigheden niet meer herinneren. Op een of andere manier heb ik dat uit mijn geheugen gewist. In de jaren daarna ben ik zelfs een tijdlang fanatiek antireligie geweest. Sinds de geboorte van mijn zoontje is daar een kentering in gekomen. Ik ben een stuk milder en begripvoller geworden.

Ik heb het geprobeerd, “walking a mile in their shoes”. Many miles, in fact. Ik heb veel van ze geleerd en ik ben daar dankbaar voor.
En toch ben ik nog niet klaar. In deel 2 van dit artikel ga ik in op:

  • typerende leerstellingen van Jehovah’s Getuigen;
  • opvallende en positieve eigenschappen van Jehovah’s Getuigen;

Daarna schrijf ik een derde deel waarin ik aangeef waarom ik hun leerstellingen onmogelijk kon accepteren als waarheid.

Maar ik zal in het tweede deel beginnen met een Carnavalskraker. Om het gezellig en luchtig te houden.

 

 

17/01/2016 12:07

Reacties (9) 

18/01/2016 20:58
Hoeveel gesprekken ik ook met ze voer ... ook na dit ... het word mij niet Duidelijk waarom je kiest tegen je eigen gevoel in ..
Een god die zoveel eisen stelt en zoveel verdriet brengt , die vent heeft een ego probleem.

wat ik wel weer mooi vind om te zien is de beeldspraak van die mensen en dat je dus inderdaad dat ergens gehersenspoelde effect in terug ziet.

ze vertelde dat haar zus met bloeddoorlopen ogen en schuim op de lippen vreselijk tegen haar stond te vloeken.

Als dit natuurlijk waar was, dan had der Zus na die tijd wel in het ziekenh...
1
18/01/2016 10:09
De verwarring van die in je emoties ontstaan door normale menselijke gevoelens in combinatie met de geloofsrichtingen van hen waar je contact mee had heb je hier prachtig beschreven, bij mij een zeer herkenbaar gevoel aangeraakt ook.
18/01/2016 16:10
Ik wist al heel snel dat dit soort geloof totaal niks voor mij is. De mensen, met hen voelde ik me wel verbonden.
Ik snap dat je dingen herkent... ;-)
1
18/01/2016 08:54
Hum, met aandacht gelezen. Jammer dat je de echte Jehova niet hebt gevonden. Bij de volgende religie niet zo veel op de mensen letten, de Jehova, de God of Heere is tenslotte de religie, die maakt geen fouten, mensen maken die wel en best veel. De Bijbel kan je laten zien wie God is, de mensen laten meestal zien wie God niet is.
Verder ben ik benieuwd wat je met het woord bekeren bedoeld, ik gevoel dat in dit verhaal als, het je om laten praten naar iets, in dit geval een band of lidmaatschap.
Maar misschien heb ik niet goed gelezen.
1
18/01/2016 16:16
Dit soort fundamentalistisch geloof pas totaal niet bij me.
Ik denk ook niet dat we de ware aard van God, zo Hij al bestaat, uit de Bijbel of enig ander boek kunnen halen.
De Bijbel lijkt toch te veel geschreven door een volk dat voor haar eigen bloederige geschiedenis een goddelijke legitimatie wenste te construeren. Dat geldt m.i. ook voor de morele waarden uit de Bijbel: meestal veel te fluïde en tijdsgebonden. Weinig met enige eeuwigheidswaarde.

Bekeren is voor mij: overtuigen dat de leerstellingen waarheid zijn en navolging verdienen.
19/01/2016 08:40
Hoe een mens wenst te leven dat wil hij zelf bepalen, alleen wat kan de mens eigenlijk zelf bepalen, als ik goed rond kijk is het bepalen van de mens een grote rommel maken. De mens gaat altijd maar van de ik persoon uit, dat leer je niet in de Bijbel, die geeft een andere Persoon de eer.

Dus mijn overtuiging is dat standvastig en vastberaden de Bijbel als enigste waarheid te zien en deze na te leven, de beste keuze is die een mens kan maken.

Daarnaast is dat naleven een doen of uitvoeren van een bepaalde levensstijl die de Bijbel als basis heeft, niet een doel op zic...
1
17/01/2016 13:43
Ach, Blauwooge (zou ik haast zeggen):
Je had toch van te voren kunnen weten dat je te intelligent was voor dit slaafse gedoe?
Of was het je plezier in experimenteren dat je zo ver liet gaan? Ik hoop het laatste, want anders zou ik nog denken dat je diep in je binnenste een schrijnende behoefte aan spiritueel leiderschap had.
1
17/01/2016 14:19
Het begon inderdaad als een experiment van een 25-jarige twijfelaar. En mijn levenslange verwondering hoe mensen toch in staat zijn om de meest ingrijpende en sprookjesachtige verhalen te geloven.

Door de komst van internet en sinds ik op Xead/Plazilla actief ben, is die laatste interesse weer opgelaaid. Een dagje struinen in het Plazilla-archief (of statusupdates op Facebook bekijken) is een perfect recept voor opperste verbijstering. Soms met schaterlache, maar steeds vaker met kromme tenen en vooral veel jeuk.

Spiritueel leiderschap? Nou nee, niet echt. Wie in hem...
2
17/01/2016 12:15
Strontirritant dat je hier geen hoofdletters in een titel kan plaatsen, behalve aan het begin.
Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert