De Warmoesstraat & de Zeedijk:

Door Candice gepubliceerd in Persoonlijke ervaringen

Terugblik op vroeger:

16a0ad49fc02bc3d2209172bedb07c3a_medium.43beeae1b5f6668a63c4c8470fa32d88_medium.

Gisteren zat ik een paar uurtjes terug te denken aan vroeger. Dat doe ik soms wel eens en vind dat soms belangrijk om te doen. En dat kwam doordat ik om de een of andere reden de kaart van onze hoofdstad Amsterdam aan het bekijken was. Heb er jarenlang gewoond en er veel leut en ellende meegemaakt. En toen ik de kaart bekeek kwam ik twee straten tegen wat destijds voor mij de twee belangrijkste straten van Nederland waren. Kon er destijds elke hoek, elke portiek en de hele goot van. Herinner me ook nog namen van mensen die ik daar leerde kennen en waarvan ik sommigen liever nooit had leren kennen. Namen van mensen, allang vergeten en tot stof vergaan. Al dan niet op natuurlijke wijze. Ik heb het over de twee volgende straten die elke Amsterdammer zeker kent.

3e7cd3d3f7d9545b02205d0e106ca005_medium.

De Warmoesstraat & de Zeedijk:

Beide straten vermeed je wanneer je een fatsoenlijk mens was. Je bleef er weg als je geen kille angst over je hele lichaam wilde voelen. Je bleef er weg als je geen slachtoffer van rondhangende junks op zoek naar potentiële doelwitten om te bestelen of te beroven wilde worden. Je bleef er gewoon weg, tenzij je er iets te zoeken had.

977235ad50f908bff6f05bb7e3775055_medium.

Tegenwoordig is het allemaal veranderd en zijn het 'nette' straten geworden, maar neem van mij aan dat wanneer je vroeger … laten we zeggen tussen 1975 en 1995 de Nieuwebrugsteeg inliep en dan rechtsaf de Warmoesstraat in ging, dan bekroop je echt een onaangenaam gevoel. Je wist gewoon dat je heel erg op je hoede moest zijn. Alert blijven stond min of meer gelijk aan een veilig gevoel. Je zorgde ervoor dat je niet opviel en je probeerde zoveel mogelijk midden op de weg te lopen, dat was de veiligste plek. En al was je zelf net zo slecht, goor en verlopen als alle andere junks, toch deed het zien van het politiebureau Warmoesstraat je goed. Je wist dat je daar naar binnen kon gaan als er iets aan de hand was. Dat je daar niet altijd met open armen werd ontvangen en regelmatig met een grotere snelheid dan dat je naar binnen ging eruit werd gesmeten dat nam je maar voor lief. Soms ging je niet vrijwillig dat bureau in, dat waren de momenten dat je handen op je rug zaten en in de handboeien. En dan wist je dat je voorlopig een paar uur van de straat was. En een enkele keer mocht je er zelfs een hele nacht verblijven, in een weinig luxueus ingerichte cel. Maar je kon wel altijd rekenen op een fatsoenlijke behandeling en een kopje thee of als je koffie wilde een bakje koffie. In mijn geval dus altijd thee. Die fatsoenlijke behandeling was niet altijd vanzelfsprekend, het hing voornamelijk van je eigen gedrag af hoe je behandeld werd. Was je onhandelbaar en probeerde je een agent te schoppen, dan kreeg je rustig een paar stevige trappen onder je kontje terug. En dat waren trappen die goed gericht waren. Schold je ze uit tijdens een verhoor, dan moest je niet gek opkijken als je uit je stoel gesleurd werd en je op een niet zachtzinnige wijze de verhoorkamer op een andere manier te zien kreeg. Je werd er gewoon doorheen gepleurd. Maar hallo, die mensen deden ook enkel hun werk en je had zo'n behandeling dan ook echt wel over jezelf afgeroepen.

0f2e85cd301af603eb86a6e57a9cfbac_medium.

Het viel amper voor te stellen dat het onbehaaglijke gevoel dat die straat je opleverde kon worden overtroffen. En toch kon dat echt. Op het moment dat je via de Oudezijdsarmsteeg, de Armbrug, vervolgens de Vredenburgersteeg en het Spooksteegje rechtsaf de Zeedijk in liep. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit direct de Zeedijk betrad. Ik heb altijd even gewacht en diep adem gehaald. Rillingen liepen over mijn rug als ik daar kwam. Zelfs al was ik jarenlang vaste klant daar, toch bleven de rillingen er altijd. Je wilde het liefst terug naar die 'veilige' Warmoesstraat. Maar je moest er zijn, want je wist de adresjes en de dealers en de juiste foute vriendjes waar je terecht kon voor eventueel een beperkte lening of om enkele dagen betalingsuitstel te vragen en een beetje extra geld wat je dan beloofde dubbel terug te betalen binnen een bepaald aantal dagen. Iets wat je dan beter maar kon nakomen, want de incassomethoden van die 'vriendjes' waren toch echt heel wat harder dan die van een normaal incassokantoor. “Schele Huug” was zo'n mannetje die je best wel geld of drugs wilde voorschieten, maar wat je met een stevige rente moest terugbetalen. En was je te laat, dan wist hij je wel te vinden. Op de een of andere manier wisten die types je altijd te vinden en dan kon je rekenen op een weinig coulante behandeling. En dan hielpen tranen en smeken echt niet. Gelukkig is zo'n behandeling mij nooit overkomen, maar een vriendje van mij uit die periode leverde het kapot geslagen knieën op. Mocht wel toekijken, voor zo ver mijn ogen iets konden zien. De Zeedijk was het domein van zulke stukken vuilnis. Zij bepaalden wat daar gebeurde en zij hadden overal ogen.

92b8e4a19a6ea0f7c08e1d4b0c940f88_medium.

Enkele maanden lang was ik op de Zeedijk en in de Warmoesstraat te vinden met Elroy. Elroy was een boom van een Surinamer. Hij was iets van 2.05 of zo en volgens mij breder dan een vrachtwagen. Dat is wat overdreven, maar die man was heel imposant om te zien. Elroy gebruikte niks, dronk ook niets, maar was zwakbegaafd en door een ongeluk zat zijn rechterwang onder de brandwonden. Maar ik heb zelden een lievere man gekend dan hem. Bij hem voelde ik me wel veilig en daar Elroy geen meisjes kon krijgen en zelfs de hoeren weinig trek in hem hadden, bevredigde ik hem. Was toen nog transgender en wist wat hij lekker vond. Ik heb het wel over een man, maar destijds was ik iets van 23 jaar en hij was pas 19. Hij is niet veel ouder geworden. Hij pleegde op 21 jarige leeftijd zelfmoord door zichzelf op te hangen. Ik heb nooit geweten wat de reden was, maar het deed veel pijn toen ik het hoorde.

Waar ik regelmatig even langsging als ik op de Zeedijk liep, was bij “Rooie Siem”. Dat was een homoseksuele, hele handige winkelinbreker. En als hij weer eens op “tocht” ging zoals hij het noemde, nam hij bijna altijd wel iets mee waar ik wat aan had. Lingerie, beenmode, rokjes of schoentjes. En ja het was dan weliswaar gestolen, maar daar merkte ik niets van als ik het droeg. Bovendien hoefde ik het dan niet te kopen. Ik betaalde er wel voor, met mijn lichaam uiteraard. Soms zag ik wel eens iets leuks hangen in een winkel en als ik het dan te link vond voor mijzelf om het te stelen, knuffelde ik hem en dan vertelde ik hem wat voor een leuke schoentjes ik gezien had.

Of rokje of lingerie of beenmode. Ik vond dat handiger dan dat hij, toch maar een man, zelf iets voor mij meenam. Zijn smaak kwam niet altijd overeen met de mijne, maar je mag een gegeven paard niet in de mond kijken en als hij dus zelf wat had meegenomen voor mij … dan zei ik er geen nee tegen. En om hem te plezieren trok ik die kleren gewoon aan als ik naar huis ging, of ergens anders heenging. Al liep ik er dan soms wel bij als een bontgekleurde theemuts. Heb ook wel eens het idee gehad dat hij af en toe expres kleren voor mij jatte waarvan hij wist dat ik ermee voor schut zou lopen. Maar ze waren gratis, nou ja gratis in die zin dat het mij geen geld koste.

De Zeedijk was een straat waar je wel heel erg op moest passen voor zakkenrollers en tasjesdieven. Zelf heb ik gedurende die jaren daar iets van 16 tasjes op die manier verloren en dat waren soms hele mooie en dure tasjes. Echt wakker kon ik niet liggen van zo'n geroofde tas, want ze waren niet betaald. Maar de inhoud van mijn tasjes op die manier kwijtraken vond ik minder leuk. Sigaretten, drugs, geld, huissleutels, zonnebrillen, condooms, aanstekers, afspraakpapiertjes (als ik ergens met iemand een afspraak had dan schreef ik dat op een papiertje en die bewaarde ik dan in mijn tas) en nog veel meer waardevolle spullen die ik al dan niet eerlijk had verkregen raakte ik op die manier kwijt. Zo gewonnen, zo geronnen. En nee ik deed nooit aangifte, want dat zou niet zo slim zijn.

'Zegt u het eens … me …. mevrouw?'

'Dag agent, ik kom aangifte doen van tasjesdiefstal.'

'En om wat voor tasje gaat het?'

'Een mooie leren handtas.'

'Weet u nog wat er inzat?'

'Ja wel. Twee gram coke, een half gram horse, sigaretten, een rayban zonnebril etc. etc. etc.'

Iets zegt mij dat ik dan problemen had gekregen. Bovendien deed je nooit aangifte, want de straat luisterde mee en de oren van de straat hoorden heel erg veel en dus accepteerde je het gewoon.

De eerste keer dat ik wel aangifte deed was omdat ik in een kroeg door een vent getrakteerd was op een aantal hele flinke klappen, omdat hij op de kruk waar ik op zat voor ik even ging … dingesen op het toilet, was gaan zitten en mijn spijkerjasje hing eroverheen. Daar zat hij dus met zijn reet bovenop. Vroeg hem eerst netjes of ik er weer mocht zitten. Antwoord kreeg ik niet. Vroeg toen of ik in ieder geval mijn jasje kon krijgen. Antwoord kreeg ik niet. Toen smeet ik zijn glas bier om met de woorden: 'Klootzak, ik mijn plaats niet terug, dan jij een nat kruis.' Toen kreeg ik wel antwoord, maar dan gegeven door zijn vuisten. Afijn, ik deed aangifte wegens mishandeling en daarna was ik ruim een maand niet meer welkom in welke kroeg daar dan ook. Naar het schijnt was die vent vrij bekend in het milieu. En dat wist ik dus niet, anders had ik netjes gewacht tot hij was gaan plassen of tot hij eindelijk zou zijn opgestaan. Overigens werden aangiftes gedaan door junkies doorgaans direct in de prullenbak gegooid. Waar aangiftes tegen junkies wel werden behandeld, met weinig succes. Dat terzijde.

Ach het zijn zo van die momenten die me te binnen schieten als ik naar die twee straatnamen kijk. Heb er veel geleerd, heel veel. Heb er veel af moeten zien, heel erg veel. Maar hoe erg die tijd ook was en hoe eng die straten ook waren, ik heb er ook onwijs veel plezier gehad en ben er menigmaal stomdronken luidkeels lallend over straat, zowel 's ochtendsvroeg als in de middag, de avond en de nacht gegaan na een hele leuke dag of nacht. Die straten leefden de hele dag en nacht. Er was altijd wel iets om te lachen, iets om te huilen en iets om te vergeten. Het waren jarenlang voor mij de twee meest belangrijke straten van Nederland. De Warmoesstraat en de Zeedijk.

e5d6b739655ff7e7c3fe0892b3545f44_medium.

***Candice***

25/12/2015 00:02

Reacties (6) 

1
29/12/2015 09:42
Mooi geschreven.
Candice tegen Zinka
29/12/2015 10:08
Dank je.
1
25/12/2015 19:11
deze had ik eerder gelezen
maar het is toch iets dat blijft kleven!
1
25/12/2015 19:15
Klopt en die van Arnhem ook al hoor,
Ach, ik vergeet die tijd ook niet snel. Ook niet omdat ik ook gewoon heel erg veel leuke herinneringen aan die buurt heb.
1
25/12/2015 04:19
wat een leven meis, mooi hoe je dit verteld wel heftig hoor.
Candice tegen Yneke
25/12/2015 04:44
Dank je.
Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert