Gabriëlle

Door Marinus gepubliceerd in Verhalen en Poëzie

                  

                                  images?q=tbn:ANd9GcR6eco_q0bmDm2GY7aAAut

Het leek wel alsof de weergoden Het Dorp hadden uitverkoren om slecht weer uit te testen. Onzin natuurlijk, maar toch als je in Het Dorp moest zijn kon je maar beter een paraplu en regenjas meenemen. Het was de dorpsbewoners dan ook goed aan te zien dat ze de zon nauwelijks zagen schijnen, maar als de zon dan aan de hemel verscheen liep de temperatuur al snel op tot boven de dertig graden. Geen wonder dat de dorpelingen geplaagd door depressieve buien moeizaam door het leven gingen. Altijd was het glas half leeg, nooit halfvol. Voor de ramen van de huizen hielden gesloten verduisteringsgordijnen de aanblik van het sombere weer effectief buiten. De modekleur van hun kleding was dan ook al eeuwenlang hoofdzakelijk gitzwart.

images?q=tbn:ANd9GcREfRdBKChVbexvBn_yKoX
Zelfs een bruidje dorst het niet aan om op de mooiste dag van haar leven haar lichaam in een mooie bruidsjurk te verpakken, hooguit een donkergrijs mantelpakje werd door de dorpsbewoners als fatsoenlijk geaccepteerd. Lachen hadden de dorpelingen volledig verleerd. Voor alle misère die hen overkwam hadden ze zwartgallige spreuken paraat om de reden van de ellende die hen overkwam te kunnen verklaren. Feestdagen werden dan ook in alle eenvoud gevierd. Voor zover men zich dat kon herinneren had in Het Dorp nimmer een kerstboom een woning gesierd.

Het was eind november, de dagen werden alsmaar korter, gure winden begeleid door venijnige regen- en hagelbuien joegen door Het Dorp. Niemand keek dan ook vreemd op toen een afgewaaide dakpan op het hoofd van de beheerster van de supermarkt dat deel uitmaakte van de keten: ‘De Winkelcombinatie’ terechtkwam. Ze was niet dood, wel flink gewond en kon haar werk de eerstkomende twee maanden niet meer doen. Gelukkig had het moederbedrijf voor dat soort onvoorziene incidenten een oplossing achter de hand. Er werd een tijdelijke beheerster in de supermarkt gedetacheerd, Gabriëlle was haar naam.

Het was maandagochtend, iedereen had het nieuws gehoord, een nieuweling kwam haar intrede in Het Dorp doen. Verduisteringsgordijnen werden op een kier getrokken, nieuwsgierige ogen speurden de Dorpsstraat af om maar niets te hoeven missen van de grootste sensatie van de afgelopen jaren, de komst van een vreemdeling.

Ze werden niet teleurgesteld, maar misschien toch ook wel. Ze hadden verwacht een normale misantroop Het Dorp te zien binnenkomen, maar dat was niet het geval. Wonder boven wonder klaarde het weer een betje op en ze zagen tot hun schrik een jonge vrouw in fleurige kledij de Dorpsstraat op komen fietsen. Ze zagen op haar gezicht een vreemde grimas die in eerste instantie niet door hen als glimlach werd herkend. Lange golvende donkerrode haren wapperden als een wolk in het ochtendgloren achter haar aan.

Gabriëlle parkeerde haar fiets in het fietsenrek maar zette die niet op slot. Ze ging de supermarkt binnen en stelde zich aan het verzamelde winkelpersoneel voor. Na over de eerste schrik over de kleurrijke outfit die Gabriëlle droeg te zijn bekomen werd Gabriëlle de maat genomen.
Ze wisten niet wat ze zagen, op het gezicht van Gabriëlle zat een lach vastgevroren,  ze wisten zich daarmee in eerste instantie totaal geen raad. Het was Maribel van de counter vleeswaren die probeerde de gulle glimlach van Gabriëlle ook op haar gezicht te krijgen.  Haar eerste pogingen moesten een ware marteling zijn, nooit eerder gebruikte spieren werden tot activiteit aangezet. Voorzichtig werd haar voorbeeld gevolgd en na een kwartiertje oefenen stond iedereen vriendelijk te glimlachen in de zaak. Op maandagochtend ging de supermarkt pas om één uur ‘s middags open om de schappen met aangevoerde verse waren te kunnen vullen.

Geheel tegen de normale orde in verscheen er een bestelbus van modehuis: ‘Hoop’ voor de supermarkt. Kledingrekken werden uitgeladen en naar binnen gerold. Stomverbaasd stond het winkelpersoneel naar de onverwachte activiteiten te kijken. Een man en een vrouw van het modehuis noodde de drie mannen en vijf vrouwen van de supermarkt naar de kledingrekken. Voor ieder van hen was een volledige set schitterende kleding samengesteld, inclusief modieuze schoenen.
Hun aangeleerde gêne liet het personeel varen, ze trokken al hun kleding uit en wierpen dat van zich af, al snel vormde zich een sombere hoop kledingstukken. Geholpen door de medewerkers van het modehuis transformeerde hun voorkomen naar iets schitterends, naar iets van vrolijk stemmende hoop. Alle kleding leek wel op maat voor hen te zijn gemaakt. Voor een glimlach hoefden de medewerkers geen moeite meer te doen, een enkel bracht het zelfs tot een schaterlach. Om hun fraaie kleding te beschermen kregen ze tot slot een bedrijfsschort in bijpassende kleuren aangereikt. De medewerkers van modehuis Hoop voerden de stapel sombere kleren af en vertrokken in hun bestelbus.

De vertrouwde bevoorradingsvrachtwagen stopte voor de supermarkt. Maar in plaats van levensmiddelen werden kerstbomen uitgeladen die in de entreehal op grootte werden gesorteerd. Daarna werden ladingen kerstversieringen naar binnengebracht en over de winkel verdeeld. De supermarkt werd ruim met kerstversieringen behangen.

Pas toen kwamen de levensmiddelen aan de beurt. Maar niet de normale grutten, of boerenkool met worst werd naar binnengebracht, dit keer namen luxe vleesgerechten de plekken van eenvoudige voedingswaren in. Mooie wijnen uit verre landen werden uitgestald. De nooit eerder gebruikte muziekinstallatie liet de klanken van ‘Stille nacht’ op beschaafde wijze door de supermarkt verspreiden. De winkel had in één ochtend tijd een volledige metamorfose ondergaan.

Van een afstandje werden de activiteiten in de supermarkt door de dorpsbewoners met achterdocht gadegeslagen. Al die uitbundigheid gaf geen pas, was de meest gehoorde weeklacht. Het was hen totaal ontgaan dat een najaarszonnetje de Dorpsstraat verwarmde. Ze hadden alleen maar oog en oor voor de ongepastheid van het winkeltafereel.

De supermarkt opende haar deuren voor het publiek dat weigerde te komen. Tot Gabriëlle in de deuropening verscheen, haar glimlach deed iedereen naar adem happen. Vrouwen keken zonder jaloezie naar hun mannen die naar Gabriëlle stonden te staren. Het leek wel of ze licht uitstraalde, een licht dat ze nooit eerder hadden gezien. ‘Ze is een engel’, liet een vrouw zich ontschieten terwijl ze wist dat het onzin was, engelen zijn nu eenmaal per definitie geslachtsloos. Maar wie of wat was dan die vrouw?

Voortgeduwd door een onzichtbare hand werden ze gedreven naar de overkant. Gabriëlle schudde alle mensen de hand en had voor iedereen een vriendelijk passend woord paraat. Ze kende ook iedereen bij naam. De dorpsbewoners wisten niet wat hen overkwam, na het handen schudden verdwenen sombere gedachten en maakten plaats voor uitbundig optimisme. Onbegrepen kwalen verlieten de lichamen van de kwalenlijders, ze voelden zich patent, een tikje euforisch misschien. Met veel gekreun verschenen de eerste glimlachen op gezichten, niemand begreep wat hen overkwam, maar daar hadden ze vrede mee. Kerstbomen en kerstversiering werd massaal aangeschaft. Met verwachtingsvolle, hoopvolle gedachten brachten ze hun buit naar huis en begonnen gedreven de huizen van kerstversiering te voorzien.

In de weken die volgden verdween de somberheid uit Het Dorp. Mensen lachten veel, ruzies werden in een oogwenk bijgelegd. De kleur zwart verdween uit het modebeeld en het leek wel alsof het weer zich aan de veranderende positieve stemming in Het Dorp had aangepast. Uiteraard werd Gabriëlle vele malen voor het kerstdiner uitgenodigd.
Ze zei daarop geen ja of nee. ‘Ik ben bij ieder diner aanwezig als u mij in uw hart en geest binnenlaat’, antwoordde ze met een serene glimlach.

Op kerstavond werd Het Dorp met sneeuw besprenkeld. Tijdens de nachtmis in de Katholieke kerk zagen de gelovigen achter het altaar een verschijning zweven, het was Gabriëlle met een bescheiden aureool rond haar hoofd. Ze spreidde haar armen en keek devoot met een harp in haar handen naar beneden. Gabriëlle was nog mooier dan de gelovigen zich konden herinneren, ze was hemels mooi.
Ze sloeg een kruisteken en zei: ‘Geloof niet in mij, geloof in uzelf en doe goed.’ Gabriëlle loste langzaam op.

                                         engel10.gif

De Dorpsstraat werd omgedoopt tot Gabriëlleweg. Het verhaal over Gabriëlle werd een legende en vloog door het land. Wie eenmaal in Het Dorp is geweest is daarna nooit meer hetzelfde.

Waar Het Dorp ligt? Ik weet het niet, waarschijnlijk is iedere plek op de wereld Het Dorp voor mensen die in het goede geloven. Noem het religie, atheïsme of humanisme, dat maakt niet uit. Het gaat erom wat je onbaatzuchtig voor je medemens wilt doen, dat bepaalt aan het einde of je gelukkig en zinvol in Het Dorp hebt geleefd.

                          In%2BLife%252C.gif

Vrolijk Kerstfeest allemaal!

 

22/12/2015 12:14

Reacties (5) 

1
23/12/2015 00:34
Heerlijk Kerstverhaal. Zalige Kerstdagen, Marinus
22/12/2015 17:54
Mooi verhaal
1
22/12/2015 15:57
De bedevaart gangers horen eigenlijk niet in het verhaal thuis , maar voor de rest een prachtig verhaal , heb je je roeping gevonden?
1
22/12/2015 12:58
Oh dank je, deze is heel mooi.
Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert