Eigen volk eerst.

Door Zevenblad gepubliceerd.

 

........

Er zijn migranten die niet uit andere landen komen maar uit een andere streek in hetzelfde land: op zoek naar een betere toekomst of gewoon omdat men elders iets nieuws wil beginnen. In dit geval ging het om een horecabedrijf.

Het succes van kant- en klare maaltijden hangt van zoveel factoren af dat je dat moeilijk van te voren in kunt schatten. Nog afgezien van de strenge regels en de regelmatige controles van de Voedsel- en Waren Autoriteit moet je ook maar net de smaak van je clientèle weten te treffen.

De afhaal-chinees is hier bijna overal een succes, maar daar zijn de mensen inmiddels al op z'n minst een generatie lang aan gewend. Hetzelfde geldt tot op zekere hoogte voor de bezorg-pizza. Essentieel daarbij is dat de keuzemogelijkheden zo groot zijn dat er ook een beetje avontuur bij is, en het mag natuurlijk ook niet zoveel kosten dat je net zo goed naar het restaurant zelf kunt gaan. De kwaliteit/prijsverhouding moet in elk geval zodanig zijn dat je er een ritje en een  afwasje voor over hebt.

Wat ik hier wil vertellen is enerzijds een culinair avontuur dat ik enkele jaren geleden net over de Duitse grens meegemaakt heb. Maar het is ook in andere opzichten een eye-opener: hoe gaat een kleine gemeenschap om met vreemdelingen?  Het woord 'vreemdeling' slaat hier niet op iemand van een ander ras of een andere cultuur of godsdienst, maar op mensen uit hetzelfde land, met dezelfde kleur en hetzelfde geloof - alleen uit een andere streek. Geen 'eigen volk' dus.

In een klein dorpje langs de doorgaande weg was een ondernemend echtpaar uit de voormalige DDR (nu gewoon Oostduitsland)  neergestreken, vlakbij een kruispunt met een grote parkeerplaats. Ze waren beiden ongeveer eind dertig en hadden geen kinderen. Omdat er niet zoveel werk in de buurt was kwamen ze, geen van beiden te beroerd om de handen uit de mouwen te steken,  op het idee om er een maaltijd-afhaaldienst te beginnen. Daar kwam in het begin nauwelijks respons op, want het eten moest een dag van te voren besteld worden, anders bleven ze op de ingrediënten zitten. Bovendien waren de 'Hausfrauen' daar op het platteland gewend om zelf dagelijks te koken. Maar ze hielden vol.

Na veel gedonder met de gemeente voor een vergunning begonnen ze op het parkeerterrein met een "Würstchenbude":  currywurst en patat, braadworst, gehaktballen, gebakken krieltjes met ui en gerookt spek, aardappelsalade en visbroodjes. Niet kant en klaar uit de groothandel - dat was hun eer te na. Alles was voor het overgrote deel zelf naar eigen recepten bereid. Royaal gekruid maar bescheiden geprijsd. En het viel wonderwel in de smaak.

Binnen de kortste keren liep de kraam als een trein: de dorpsbewoners, en vooral ook mensen die er op de weg langskwamen vonden het erg lekker, en de 'Würstchenbude' werd een trekpleister van jewelste. De hele omgeving wist inmiddels de weg naar de parkeerplaats te vinden. Toen begonnen ze ook met in een ton gerookte paling en zelfgerookte forellen: nog meer succes.

Ik heb ze er zelf heel vaak gehaald en ze waren inderdaad fantastisch. Vooral de zelfgemaakte mierikswortelsaus was een superhit bij de forellen. De vis kochten ze trouwens bij een forellenvijver in de buurt. Verser kon haast niet. Mijn vrienden waren er dol op.

Toch bleef de maaltijd-afhaalservice een gekoesterde droom. Op een dag stond er ineens een zogenaamde "Goulasch-Kanone": een grote soepketel met daaronder

een houtkachel. In Oostduitsland zie je dat soort dingen heel vaak langs de weg staan.

Daar kon je dan op drie dagen in de week telkens een warme maaltijd ophalen of ook ter plekke opeten. Je kon er Hongaarse goulash krijgen, kippenragout of een stevige erwtensoep met vlees en worst. Als je zelf een pan meebracht werden er met een enorme scheplepel de gewenste porties afgemeten. Je betaalde per volle 1 persoons-schep. Een heerlijk pittige goulash met veel vlees, uien en paprika kostte 2,50 € per schep, kippenragout met champignons en roomsaus was dezelfde prijs en de snert deed 1,50 per schep. Meestal waren ze halverwege de middag al uitverkocht.

Het liep een jaar lang geweldig. Ik kwam er nogal vaak, want het was erg lekker en spotgoedkoop. Bovendien lag het aan een route waar ik toch regelmatig langskwam.

Toen begon het ineens minder te worden: de mensen bleven weg. Ik heb gevraagd wat er aan de hand was. Het bleek dat de horeca in de buurt een lastercampagne begonnen was tegen het eettentje. Ze strooiden geruchten rond dat er slachtafval gebruikt werd en dat het met de hygiene niet in de haak was. Het eerste wat opgedoekt werd was de Gulaschkanone: voor mij, op de forellen na, het grootste trekpleister.

Het heeft nog een aantal maanden geduurd, en in de winter van 2009/2010, toen de hoge sneeuw er lag, gaven ze het op. Ik had nog gehoopt dat ze in het voorjaar van 2010 weer zouden beginnen, maar de tent bleef dicht. Daarna verdwenen de borden bij de weg en de kraam tenslotte ook. Eigenlijk begreep ik er niets van, en ik wist ook niet precies waar zij woonden. Bij het tankstation wist iemand te vertellen dat ze naar elders zouden gaan verhuizen.

Ik zag de vrouw enkele maanden later nog eens bij een supermarkt vlakbij de grens. Ze wilden inderdaad naar een andere streek gaan verkassen. De geruchten hadden hen de das omgedaan, zei ze. Er was niets van waar, en ik heb zelf ook nooit iets anders dan kwaliteitsvlees in hun maaltijden aangetroffen. Ze hadden er een tijd goed aan verdiend, maar de lol was er ook af. Haar man had ergens een baan in de horeca gevonden, als kok. Zelf deed ze niets meer.

Ik heb er nog steeds spijt van. Van de heerlijke zelfgerookte forellen, van de pittige goulash, van de goed gevulde snert. Af en toe kijk ik nog of ze niet toch weer begonnen zijn, maar helaas...

Ik kan mij enerzijds wel voorstellen dat de horeca daar in de buurt er last van had, maar anderzijds hebben die twee bijna al hun ingrediënten bij de plaatselijke middenstand gekocht.  Het waren keihard werkende mensen, en ook nog eens van 'eigen volk'. 

Maar ik weet hoe dat in zo'n dorp werkt: ze zijn allemaal op de een of andere manier familie van elkaar, ze hebben met elkaar op school gezeten en ze zijn lid van dezelfde sport- etc. clubs. Ons kent ons, en als een vreemde eend in de bijt teveel succes heeft slaat de jaloezie toe. Dan worden er zelfs vuile trucs van stapel gehaald om de indringers te verdrijven.

'Eigen Volk eerst' hoeft zich niet uitsluitend tegen buitenlanders te richten. Ik denk dat twee Limburgers in een Gronings dorp op dezelfde manier weggepest zouden worden, als ze teveel succes hebben. Het hemd is immers overal nader dan de rok.

29/11/2015 18:47

Reacties (2) 

1
15/12/2015 16:55
triest, wel een mooi verhaal, krijg spontaan zin in die erwtensoep :)
1
30/11/2015 11:10
ja, zo gaat dat, als de jaloezie toe slaat.
Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert