1462 De tuin als supermarkt

Door Ate Vegter Dzn gepubliceerd in Verhalen en Poëzie

Ik zit in de tuin en kijk. Ik zie bloemen en planten en bomen en gras en een bootje aan het eind op het water en daarachter de straat en de bomen aan de overkant. Ver weg en achter de tuin en de steiger en het water. Voor mij een stukje terras met de tafel met een boek en een glas en een kopje en een bordje. Alles leeg.

Ik zie vlinders, hoofdzakelijk witte. Sommigen vliegen samen. Ik zie geen vliegen vliegen, maar wel een paar bijen. Verder zie ik een enkele mier hier. En dan weet ik dat er nog heel veel gespuis schuilgaat in het struikgewas. Kleine torretjes, slakken, spinnen, kikkers, padden en een enkele keer een jong kikkertje in het gras dat ik dan tegenkom bij het maaien. Ik jaag hem weg met woeste armgebaren. Hup, hup, weg.

Dan zijn er nog de vogels. Alles vliegt en rent en kruipt in het rond. Waarom? Ik ben de enige die hier rustig zit en er zijn gemak van neemt, maar ja, ik ben dan ook de hoogst ontwikkelde soort op dit moment op deze plek. Ik zeg het maar even want zo vaak komt dat ook niet voor, maar nu dus wel. Iedereen rent en draaft en vliegt en ik zit hier met mijn lege bordje.

Lege bordje? Op dat moment slaat het door mij heen hoe goed de dieren het voor elkaar hebben in de tuin. Ze vliegen en kruipen als het ware in hun eigen kibboets supermarkt en ze eten het op waar je bij zit. Ze zijn de hele dag in de weer en ze hoeven nergens heen. Ze zijn er al. Al etend leven ze hun korte leven, maken ze zich geen zorgen en al levend eten ze onder andere elkaar op, want ze zijn niet allemaal vegetariër. Het is niet voor iedereen een feest. De natuur is mooi, maar genadeloos.

Plotseling realiseer ik mij dat ik de enige ben die hier zou verhongeren. Het enige wat ik zou kunnen eten zijn de rode bessen en straks de druiven, maar die zijn nog niet rijp. En als ze rijp zijn, zijn de vogels je al gauw te snel af. En opeens valt dat hoogst ontwikkeld nogal mee of tegen. Wat je wil. Ik ben de enige die hier weg moet om te eten, naar mijn eigen supermarkt, de kleine Deen, waar afrekenen niet alleen kan, maar zelfs de gewoonte is. Nu kijk ik toch weer met andere ogen naar de tuin. Ik pak mijn boek van Brijs, waarin nooit iemand hoeft te winkelen of naar de wc gaat.

Ate Vegter, 4 juli 2019

Mijn moeder en Mondriaan:
www.atevegter.wordpress.com/262
 

04/07/2019 06:37

Reacties (0) 

Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert