1392 Naar de kermis

Door Ate Vegter Dzn gepubliceerd in Verhalen en Poëzie

Ze is dinsdag al naar de kermis geweest, Piep, met een vriendinnetje en wat geld van mama. 
‘Wil jij morgen met mij naar de kermis, papa?’
‘Dat is goed, schat.’
Ik weet dus wat me te wachten staat, wanneer ik haar van school haal:
‘Gaan we nu naar de kermis, papa?’
‘Ja, dat is goed. Ik heb alle bonnetjes uitgeknipt, maar we moeten eerst even naar het gemeentehuis, m’n rijbewijs verlengen.’
‘Waarom?’
‘Het is bijna verlopen.’
‘Mag je niet meer rijden dan? Moet je examen doen?’ Het klinkt bijna verlekkerd.
‘Nee, ik hoef geen examen te doen hoor, ik mag gewoon rijden.’

We doen de aanvraag en gaan daarna rechtsaf naar de kermis, naar de Pusher, waar tegen betaling met latjes, vroeger met bulldozers, muntjes en waardepenningen over de rand geschoven kunnen worden. Het is spannend en we raken helemaal in het spel. Omdat je relatief veel muntjes krijgt voor relatief weinig geld besteed ik relatief veel geld. In het begin loopt het nog niet zo goed, maar op zeker moment vallen de grote klappen:
‘We zijn al lekker verslaafd aan het worden, hè pap?’ vat Piep de situatie goed samen. Ik word ook steeds fanatieker en haal nog maar een bakje muntjes. Om mij heen staan de vaders van Pieps klasgenoten ook met hun dochters geld te verspelen. Het is gezellig als een ouwe kroeg. Uiteindelijk zijn we dronken genoeg en kappen we ermee. Piep mag een prijs uitzoeken. Het wordt een mooie, kleine lama, mijn duurste lama ever.
 
Dan gaan we nog even naar de zweefmolen, waar Piep een paar rondjes draait. Ik hou de bonnen angstvallig in mijn zak, anders staan we hier zo nog een uur. Ik wil nog wel even in de botsautootjes, maar dat kan ik ook voor later bewaren. Opgewekt, vrolijk en in de winning mood gaan we weer naar huis. Het was een leuke middag. Piep gaat bij Jantje spelen en ik zijg neer in de zon met Bukowski en een boterham. Wanneer plotseling de parasol naar beneden knakt, repareer ik die provisorisch, mij verbazend over de kwetsbare kwaliteit van dure parasols. Ze zijn tegen zon, maar ze kunnen niet tegen wind. Dan daalt de rust neer over de laatste bladzijden, met haar zal hij uiteindelijk gaan trouwen.

Ate Vegter, 25 april 2019


www.atevegter.wordpress.com/192

 

25/04/2019 06:38

Reacties (0) 

Copyright © Tallsay.com. Alle rechten voorbehouden.
Door gebruik te maken van deze website geef je aan dat je onze Algemene voorwaarden en ons Privacy statement accepteert